Overslaan en naar de inhoud gaan
  • Informatie over vluchtelingen

    Informatie

    Plaats als eerste een reactie

    Veel vluchtelingen wagen hun leven op een gammel bootje.
    Shutterstock

    Waarom vluchten mensen?

    Veel vluchtelingen in Europa komen uit Syrië, Nigeria of Iran. Landen waar het niet veilig is. Sinds Rusland in februari 2022 Oekraïne binnenviel, zijn daar al ruim 4 miljoen mensen op de vlucht geslagen. Ongeveer de helft van hen wordt opgevangen in Polen.  

    Hoeveel vluchtelingen zijn er?

    Wereldwijd waren er eind 2020 in totaal meer dan 80 miljoen mensen wereldwijd op de vlucht. Nooit eerder telde de VN-vluchtelingenorganisatie zoveel vluchtelingen. Meer dan de helft van deze vluchtelingen bleven in hun eigen land. Die heten ook wel 'binnenlands ontheemden'. De rest zocht een veilige woonplek buiten de grenzen. Het aantal vluchtelingen dat in Europa aankomt, is minder geworden. 

    Bijna de helft van alle vluchtelingen is onder de 18 jaar. Hoe komt dat?

    - vluchtelingen die ergens in een stad of in een vluchtelingenkamp worden opgevangen krijgen kinderen. Die worden dan als vluchteling geboren
    - ze komen met hun familie mee
    - ze (meestal jongens) zijn gevlucht uit een militair trainingskamp, het leger of de gevangenis of omdat ze bang waren dat ze daar terecht zouden komen
    – ze (meestal meisjes) zijn in een oorlogssituatie door rebellen vastgehouden en misbruikt
    – hun ouders zijn politiek actief en daardoor is het voor hun kinderen niet veilig. Die kunnen bijvoorbeeld ontvoerd worden
    – ze (meestal meisjes) zijn uitgehuwelijkt of bang om te moeten trouwen met iemand met wie ze niet willen trouwen
    – niemand kon meer voor hem/haar zorgen omdat ouders en familie zijn gestorven (bijvoorbeeld tijdens oorlog)

    Waar worden de meeste vluchtelingen opgevangen?

    Bijna 9 van de 10 vluchtelingen wordt opgevangen door buurlanden.

    De vijf landen die de meeste vluchtelingen opvangen:

    • Turkije (3,7 miljoen)
    • Colombia (1,7 miljoen)
    • Pakistan (1,4 miljoen)
    • Oeganda (1,4 miljoen)
    • Duitsland (1,2 miljoen)

    De meeste vluchtelingen komen al jaren uit vijf landen:
    * Syrië (6,7 miljoen)
    * Venezuela (4 miljoen)
    * Afghanistan (2,6 miljoen)
    * Zuid-Soedan (2,2 miljoen)
    * Myanmar (1,1 miljoen). 

    Slechts 1,1 miljoen vluchtelingen hebben asiel aangevraagd in westerse landen. Het aantal vluchtelingen is gestegen sinds 2019 en 1 procent van de wereldbevolking is op de vlucht voor geweld of vervolging.

    Mensensmokkel

    Vluchtelingen die illegaal een grens oversteken, betalen daarvoor vaak duizenden euro’s aan mensensmokkelaars. Dit betekent dat alleen mensen die dit geld bij elkaar krijgen kunnen vluchten. De allerarmste mensen blijven dus vaak achter.

    Mensen vluchten voor oorlog, armoede of omdat ze gevaar lopen vanwege hun geloof, eigen mening of seksuele geaardheid. Wereldwijd waren er eind 2020 in totaal meer dan 80 miljoen mensen wereldwijd op de vlucht. Nooit eerder telde de VN-vluchtelingenorganisatie zoveel vluchtelingen.
  • Terug naar Oekraïne

    Interview

    Plaats als eerste een reactie

    Alisa en haar familie vluchtte uit Oekraïne, maar keerde weer terug.

    Alisa (helemaal rechts op de foto bovenaan dit stuk) komt uit Smila, een klein dorpje in het midden van Oekraïne. Twee maanden geleden vluchtte ze, samen met haar broers en moeder, het land uit. "Mijn vader bleef thuis. Hij wilde vechten voor het leger, zodat wij in een vreedzaam land kunnen opgroeien." Na drie dagen reizen kwamen ze aan in Nederland. "Eerst leek het net vakantie", vertelt Alisa. "Behalve dat mijn moeder erg nerveus was."

    Friese familie

    Alisa en haar broers kregen onderdak bij een Friese familie. "Ik vond ze heel leuk. Maar toch voelde het niet als thuis. Mijn vrienden waren er niet. Wel kon ik 's ochtends mijn Oekraïense lessen volgen, via internet. 's Middags keek ik meestal filmpjes op de telefoon."

    Huilen

    Alisa miste eigenlijk alles van thuis. "Er waren geen vrienden met wie ik kon gaan wandelen. Ik kan geen Nederlands, dus daardoor kon ik moeilijk contact maken met Nederlandse meisjes." De beslissing om echt terug te gaan, was voor Alisa makkelijk gemaakt. "Toen mijn moeder het aan mij en mijn broers vroeg, zeiden we allemaal meteen ja." En dus pakten ze hun spullen en namen ze afscheid van hun gastgezin. "De reis naar huis was zwaar en lang. Toen we aankwamen en mijn vader weer zagen, moesten mijn moeder en ik allebei huilen."

    Opa en oma

    Alisa's woonplaats is niet getroffen door de oorlog. "Eigenlijk gaat het gewone leven hier door. Mensen zijn aan het werk en maken er het beste van om Oekraïne levend te houden." Ondanks dat de oorlog niet voorbij is, is Alisa blij om terug te zijn. "Ik zie hier vrienden als er geen luchtalarm is. Ik kan mijn opa en oma bezoeken. Hier ben ik gewend. Dit is mijn thuis, mijn land."

    De oorlog in Oekraïne is nog niet voorbij, maar toch gaan steeds meer Oekraïners weer terug naar hun land. Ook Alisa (12) reisde terug naar haar eigen huis. "Dit is mijn thuis."
  • Andy leert gebaren op een tablet

    Reportage
    In Guatemala spreken lang niet alle dove mensen gebarentaal. Maar Andy (12) leert de nieuwste gebaren via filmpjes op een tablet.
    Ilse von Quednow

    Op een heuvel staan vier huizen, verscholen tussen dor en dicht struikgewas en lange, dunne bomen. De wind laat de bladeren ritselen en er loeit een koe. Maar Andy hoort deze geluiden niet. Hij is doof geboren, als enige in zijn familie. Niemand weet waardoor hij niet kan horen. Maar in zijn provincie komt opvallend veel meer doofheid voor dan op andere plaatsen in het land. Er is alleen geen geld en geen kennis om uit te zoeken waardoor dit komt.

    Andy woont hier met zijn moeder in een van de vier huizen, zijn grootouders wonen naast hen, in het derde huis woont een tante en drie neefjes en nichtjes. Het vierde gebouw is de keuken die zedelen. Zijn moeder is aan het werk in een winkel, vertelt Andy in gebaren, via een gebarentolk. Ze is eigenlijk lerares, maar kan nergens werk vinden. Andy doet graag klusjes in en rond de huizen. Hij veegt de vloer en verzorgt de kuikens, eenden en kalkoenen.

    Andy met kuikens (kip en kalkoen).
    Andy met kuikens (kip en kalkoen). Ilse von Quednow
    Oma, opa, Andy en oom (van links naar rechts) net buiten de keuken
    Oma, opa, Andy en oom (van links naar rechts) net buiten de keuken Ilse von Quednow

    Gebarenjuf

    Andy verveelt zich eigenlijk nooit. Hij kijkt graag tv of voetbalt met z’n vrienden. En: elk moment kan zijn gebarenjuf Nancy komen, om via haar laptop en een usbstick wat nieuwe filmpjes met nieuwe gebaren op zijn tablet te zetten. Dat deed ze de afgelopen twee jaar zo elke maand. Nancy werkt voor een organisatie die mensen met een beperking helpt en ze geven dus onder andere les in gebarentaal. Deze organisatie werkt samen met het Liliane Fonds in Nederland dat kinderen met een handicap in arme gebieden helpt. “Voordat ik gebarentaal leerde, gebruikte ik zelfbedachte gebaren”, vertelt Andy. Zowel om met familie, vrienden als klasgenoten te praten. Die kunnen allemaal wel horen en hij ging tot twee jaar geleden alleen naar een gewone school, zo’n uur lopen van huis. “Ik loop altijd samen met iemand, ze vinden het gevaarlijk als ik alleen zou gaan omdat ik het verkeer niet hoor.” Niet dat het nou heel druk is op de straten en wegen, maar toch. “Ik kon de meester alleen begrijpen, als hij op het bord schreef. En dan schreef ik het over in mijn schrift. Soms moest ik in het schrift van andere kinderen kijken en het van hen overschrijven.” Dit was niet altijd makkelijk voor hem en hij voelde zich soms wat alleen. Maar dat is nu veranderd.

    Dove kinderen

    Vlak voor de coronapandemie uitbrak, begon Andy met lessen bij de organisatie. Daar leerde hij zo’n veertig andere dove kinderen kennen. Het was voor het eerst dat hij andere doven ontmoette. En daardoor voelde hij zich meer onderdeel van een groep, met dus ook een eigen taal. Die van de gebaren. Andy wist natuurlijk wel dat gebarentaal bestond, want hij zag gebarentolken tijdens het nieuws en berichten van de regering op tv. Alleen begreep hij die nooit. Nu hij zelf ook de gebarentaal in de vingers krijgt, is hij veel opgewekter en minder verlegen. Het was wel even slikken dat de organisatie door de coronamaatregelen sloot en de lessen stopten. Maar gelukkig bedachten ze er iets op. “Ik kreeg een tablet van de organisatie waar gebarenjuf Nancy bij ieder van ons thuis steeds nieuwe filmpjes met gebaren op zette.” Zo kon hij toch verder oefenen. “Mijn moeder probeert het nu ook te leren door samen de video’s te bekijken.” De tablet is een van de weinige apparaten in huis die op stroom werkt. Ze hebben wel een tv en een koelkast. “Maar de stroom valt vaak uit. Gisteren hadden we bijvoorbeeld drie uur achter elkaar helemaal geen stroom.” Er is wel 4G, maar dat werkt niet altijd en overal even goed. Vandaar dat de gebarenlessen niet online konden of worden gestuurd via de mail.

    In de provincie waar Andy woont, zijn ongeveer negenhonderd dove mensen. Nog geen honderd van hen leren gebarentaal. De meeste families in de dorpen hebben geen geld voor dit speciale onderwijs of om naar het dorp te reizen. Of familieleden zijn bang dat hun dove kind het niet kan. Soms schaamt de familie zich voor hun kind met een beperking. Ze willen hun dove kind het liefst verbergen, omdat ze geloven dat het een straf van God is dat ze een doof kind hebben gekregen. Maar daar heeft Andy geen last van. “Ik wil graag leraar gebarentaal of boekhouder worden”, droomt Andy. Of dat gaat lukken, wordt spannend. Er is geen school of universiteit in de buurt waar hij kan verder studeren met een gebarentolk. Maar tot die tijd probeert hij zoveel mogelijk van Nancy te leren. Vandaag staat op het lesprogramma: het volkslied van Guatemala. “Nu kan ik eindelijk meedoen als m’n klasgenoten het volkslied zingen tijdens het hijsen van de vlag.”

    Juf Nancy en Andy leren de nationale hymne van Guatemala in gebarentaal via een video op de tablet.
    Juf Nancy en Andy leren de nationale hymne van Guatemala in gebarentaal via een video op de tablet. Ilse von Quednow
    In Guatemala spreken lang niet alle dove mensen gebarentaal. Maar Andy (12) leert de nieuwste gebaren via filmpjes op een tablet. ‘’Daardoor ben ik nu minder verlegen.’’
  • 3D protheses printen in Sierra Leone

    Reportage

    Plaats als eerste een reactie

    "Mijn vader print armen en benen", vertelt Mbalu uit Sierra Leone.
    Marnel Breure

    Tussen de hoge bomen van het stadje Masanga in het midden van Sierra Leone staan een stuk of vijftien losse gebouwen: het ziekenhuis. Er speelt een radio, er klinken opgewekte stemmen en over drooglijnen hangen bontgekleurde kleren. Het is hier heel gewoon dat een familielid meekomt met de patiënt. Voor de gezelligheid, maar ook om te helpen met verzorgen, wassen en koken. Tijdens de burgeroorlog werd het ziekenhuis vernield door rebellen die de macht van de regering wilden overnemen.
    In 2006 zijn de gebouwen met geld uit Europa herbouwd en er werken nu veel Deense, Britse en Nederlandse artsen samen met Sierra Leoonse werknemers. De Europese artsen leiden ook medische studenten en ander personeel uit de buurt op. In Sierra Leone wonen 7,5 miljoen mensen en er zijn nu slechts 245 Sierra Leoonse artsen.

    Technische apparaten

    Dit ziekenhuis heeft veel meer technische apparaten dan een gemiddeld Afrikaans ziekenhuis op het platteland. Er is een röntgenapparaat, een echoapparaat, en er is een 3D printer. “Daar print mijn vader nieuwe armen en benen mee”, vertelt Mbalu trots. “Vandaag ga ik voor het eerst kijken hoe hij dat doet.”Een paar jaar geleden lag ze zelf in het ziekenhuis. Door een ernstige vorm van malaria kreeg ze bloedarmoede. “Omdat ik heel zwak was, doneerde mijn vader toen zijn eigen bloed,” vertelt Mbalu. “Ik wil later verpleegkundige worden. Dan kan ik mensen helpen die ziek zijn en geld verdienen voor mijn familie.”

    Het ziekenhuis in het dorp van Mbalu uit Sierra Leone heeft veel meer technologische apparaten dan het gemiddelde ziekenhuis op het Afrikaanse platteland.
    Dit ziekenhuis heeft veel technische apparaten. Marnel Breure
    Mbalu woont met haar grote familie in een dorpje in Sierra Leone.
    Mbalu woont met haar grote familie in een dorpje in Sierra Leone. Marnel Breure

    Medische hulp

    Op het ziekenhuisterrein komen Mbalu en haar vader een jongen op krukken tegen: de 23-jarige Samba. Hij vertelt dat hij zich door een val zo bezeerde, dat het onderste deel van zijn linkerbeen niet meer te redden was. Daarom moest het been geamputeerd worden. De chirurgen in dit ziekenhuis voeren jaarlijks veel amputaties uit. Vijftig van de honderdtwintig ziekenhuisbedden zijn voor patiënten van de afdeling chirurgie. In tien van die vijftig bedden ligt iemand die een amputatie heeft ondergaan. Vanuit de wijde omtrek worden patiënten voor dit soort operaties naar Masanga  gestuurd. Dat amputaties in Sierra Leone zoveel voorkomen, komt vaak doordat medische hulp voor veel mensen te duur is. Gewonden wachten vaak veel te lang voor ze zich bij het ziekenhuis melden. Het is dan niet meer mogelijk om het been of de arm nog te redden. Dit was ook zo bij Samba. Nadat de amputatiewond genezen was, kreeg hij een prothese waar hij nog flink mee moet oefenen om opnieuw te leren lopen.

    Precies op maat

    Aan de prothese ligt het niet, die is heel precies op maat gemaakt. Dat is een van de voordelen van een 3D scanner. Die brengt eerst het overgebleven deel van een arm of been heel secuur in beeld. Die afbeelding verschijnt op een laptop, een speciaal softwareprogramma ontwerpt de prothese en geeft de printer opdracht het ontbrekende deel van het lichaam te 3D printen, dat wordt dan de prothese. Er komt geen inkt, maar plastic uit de printer. Een ander voordeel is dat deze prothese exact dezelfde kleur krijgt als de huid van de patiënt.
    Mbalu laat zich op de stoel voor de laptop op een wiebelige tafel zakken. “Op school hebben we geen computers. En thuis ook niet. Mijn vader heeft daar geen geld voor.” Als het paneel van de printer is ingesteld, drukt Mbalu op de startknop. In het dorp is geen stroom, daarom wordt de elektriciteit in het ziekenhuis voor een groot deel geleverd door zonnepanelen, de rest wordt opgewekt door een dieselgenerator.

    Mbalu uit Sierra Leone zit voor het eerst achter een laptop op het werk van haar vader in een ziekenhuis in Sierra Leone.
    Voor het eerst zit Mbalu achter een laptop. Marnel Breure
    De vader van Mbalu uit Sierra Leone laat zien hoe een 3D printer voor protheses werkt.
    In deze 3D printer zit geen inkt, maar plastic. Marnel Breure

    Protheses

    Het plan voor de 3D printer in dit ziekenhuis is vijf jaar geleden bedacht door een chirurg in opleiding en een student Technische Geneeskunde, allebei uit Nederland. Zij kwamen erachter dat in Sierra Leone veel mensen ledematen missen door de burgeroorlog, verkeersongelukken of aangeboren afwijkingen. Mensen met een beperking worden hier vaak als minderwaardig gezien. Er is veel schaamte en daardoor is het voor hen extra moeilijk om geld te verdienen buiten de deur. Met een prothese worden ze minder aangestaard of buitengesloten. Ze dragen de protheses daarom het meest naar school, kantoor, de kerk of andere openbare gelegenheden.

    Fysiotherapie

    Terwijl de printer geruisloos z’n werk doet, gaat Mbalu met Samba mee naar de ruimte voor fysiotherapie. Hier staan allerlei oefentoestellen. Samba heeft met hulp van Mbalu’s vader zijn kunstbeen omgedaan en gaat aan de slag op de loopbrug en de hometrainer. Voor de gezelligheid trapt Mbalu een stukje met hem mee: “Die hometrainer is hartstikke leuk!” Na anderhalf uur is de printer klaar. Mbalu en haar vader halen het eindproduct eruit: twee zwarte ovalen plastic voorwerpen. Vader Osman moet er nog wat aan schuren en schaven, daarna kunnen ze gebruikt worden in een armprothese voor een andere patiënt.
    Een kunstarm die op de ouderwetse manier wordt gemaakt, kost veel tijd om te maken, is erg duur en de materialen zijn schaars. Daar komt nog bij dat ze vaak een haak hebben en dus helemaal niet op een hand lijken. Met een 3D printer is de prijs vijfentwintig euro. Voor veel mensen is dat nog heel duur, want gemiddeld verdienen ze nog geen euro per dag. Mbalu: “Mijn vader doet heel goed werk. Door de printer kunnen arme mensen ook een prothese betalen.”

    Door de techniek van 3D printen zijn protheses ook voor arme mensen in Sierra Leone betaalbaar.
    "Door de 3D printer kunnen arme mensen ook een prothese betalen", vertelt Mbalu. Marnel Breure
    Het is heel bijzonder dat er in een ziekenhuis op het platteland van Sierra Leone een 3D printer staat. De vader van Mbalu (10) werkt ermee. "Nu kunnen ook arme mensen een prothese betalen."
  • Klopt de naam Suikerfeest eigenlijk wel?

    Informatie

    Plaats als eerste een reactie

    Adil uit Haarlem viert Suikerfeest. Eerst ging hij naar de moskee, nu staat het ontbijt klaar.
    still uit filmpje

    1. Over welk feest gaat het?

    Tijdens de ramadan eten en drinken moslims een hele maand niet, van zonsopgang tot zonsondergang. Door te vasten zuiveren ze hun lichaam en staan ze stil bij mensen die geen eten of drinken hebben. Ook zijn ze in deze periode nog serieuzer bezig met hun geloof. Ook best veel kinderen doen hier aan mee. Aan het eind van deze vastenmaand is er een groot feest, waarmee ze het vasten afsluiten. Dat wordt in Nederland vaak het Suikerfeest genoemd.

    2. Maar daar is dus niet iedereen blij mee?

    Dat klopt. Een groep moslims wil af van die naam. De term 'Suikerfeest' legt volgens hen te veel nadruk op het eten van zoetigheid zoals koekjes. En ja, ook dat doen moslims tijdens het feest, maar dat is lang niet het enige. Moslims bidden en ontbijten 's ochtends uitgebreid samen, dragen hun mooiste (vaak nieuwe) outfits en gaan op familiebezoek. Ook geven ze geld aan goede doelen en cadeautjes aan de kinderen. Deze feestelijke dag het Suikerfeest noemen, vinden sommige moslims hetzelfde als kerst het 'kalkoenfeest' of 'bomenfeest' noemen.

    3. Wat is dan een betere optie?

    Niet alle moslims vinden de naam Suikerfeest storend. Maar degenen die dat wel doen, kiezen liever voor het Eid-al-Fitr-feest (Arabisch voor 'het feest van het verbreken van het vasten') of het ramadanfeest.

    4. Waar komt de naam Suikerfeest dan vandaan?

    De term is lang geleden letterlijk vertaald vanuit het Turkse 'şeker bayrami'. En dát is volgens sommige deskundigen weer een soort misverstand. Want eigenlijk zou de originele Turkse naam voor het feest ‘şükür bayrami' zijn ('feest van dankbaarheid'). Door een leesfout van het oude Turkse geschrift zou dat in de loop van de tijd verbasterd zijn tot ‘şeker’ (suiker). 

    Bekijk ook het filmpje van Adil tijdens Eid il Fitr.
    Aan het eind van de vastenmaand ramadan vieren moslims een groot feest. In Nederland wordt dat het Suikerfeest genoemd. Maar met die naam zijn lang niet alle moslims blij. Vier vragen en antwoorden.
  • Vluchten voor de droogte in Somalië

    Interview

    Plaats als eerste een reactie

    Shukri vluchtte voor de droogte in Somalië naar een kamp in de hoop op voedselhulp.
    Joost Bastmeijer

    Vluchtelingenkamp

    “Mijn vader en broers waren herders en zochten wat te grazen voor ons vee”, vertelt Shukri. “Mijn zussen en ik werkten in de tuin.” Maar al drie regenseizoenen viel er nauwelijks een druppel. Het land was in de afgelopen veertig jaar niet eerder zo droog. “Er groeiden geen gewassen meer en onze dieren stierven omdat er niets te eten was.” Het gezin raakte in geldproblemen en besloot te vluchten, naar een opvangkamp zo’n zestig kilometer verderop, ook in het zuiden van het land waar de droogte het ergst is. “Dat was drie dagen lopen. We konden alleen de spullen meenemen die we zelf konden dragen.” Het was een tocht door gevaarlijk gebied waar een gewelddadige organisatie het voor het zeggen heeft. Daardoor is het moeilijk te zeggen hoeveel kampen en hoeveel vluchtelingen hier precies zijn.

    Oorlog in Oekraïne

    Wel is bekend dat in het afgelopen half jaar in totaal ruim een half miljoen mensen huis en haard verlieten. Zij wonen, net als Shukri nu, in kleine koepelvormige tenten van takken, zeil en doek. Internationale hulporganisaties zorgen in deze kampen voor voedsel en onderwijs. Maar door de oorlog in Oekraïne waar veel van het geïmporteerde voedsel vandaan komt, dreigen er tekorten en de prijs voor graan is al verdubbeld.

    Klimaatverandering

    Shukri weet dat klimaatverandering de problemen veroorzaakt. “Somaliërs kappen veel bomen, zonder nieuwe te planten. Dan wordt het steeds warmer en het land verandert in een woestijn. Maar klimaatverandering komt ook door vieze auto’s en fabrieken in de rest van de wereld. Ik vind het heel oneerlijk dat wij de prijs betalen voor iets dat we niet hebben veroorzaakt. Kinderen moeten helpen geld verdienen. Het idee is dat meisjes jong trouwen zodat hun familie een bruidsschat krijgt. Dat moet echt veranderen. Hier in het kamp ga ik gelukkig wel naar school.”  

    Door: Joost Bastmeijer. Dit verhaal stond ook in Kidsweek

    Het is enorm droog in Somalië. Koeien en geiten sterven en mensen vluchten naar opvangkampen in de hoop op voedselhulp. Ook Shukri (14) woont nu in een tent van takken, zeil en doek. "Gelukkig ga ik hier wel naar school."
  • Honger in Oost-Afrika

    Informatie

    Plaats als eerste een reactie

    Ook in 2011 heerste er in een land als Somalië al droogte, maar niet zo extreem als nu.
    Shutterstock

    Hoe komt het dat de mensen niet genoeg eten kunnen verbouwen?

    Er zijn meerdere redenen dat mensen in de Afrikaanse landen als Djibouti, Ethiopië, Kenia en Somalië te weinig eten hebben. Die landen hebben al twee jaar te maken met ernstige droogte. Op sommige plekken is al maanden geen regen gevallen en hulpverleners verwachten dat het op veel plekken de komende tijd ook te droog blijft. Daardoor overleven veel dieren het niet, zijn oogsten mislukt en is er te weinig drinkwater. Op andere plekken viel juist te veel regen en daardoor ontstonden overstromingen, waardoor ook veel oogsten mislukten. Daarbovenop ontstonden de afgelopen jaren enorme sprinkhanenplagen, waardoor ook veel boeren hun eten niet meer konden verkopen.

    Waarom is het moeilijk om eten van andere landen te kopen?

    Dat komt doordat de prijs van voedsel uit andere landen hard stijgt. Door de oorlog in Oekraïne bijvoorbeeld. De Afrikaanse landen kopen negentig procent van al hun tarwe in Oekraïne en Rusland. Door de oorlog zijn die prijzen hard omhoog gegaan. Ook door de corona pandemie is het de laatste jaren duurder geworden om eten uit andere landen te halen. Daardoor kunnen de overheden het voedseltekort niet oplossen voor hun burgers.

    Hoe gaat het nu verder?

    Het Wereldvoedselprogramma (WPF) probeert de mensen te helpen. Die organisatie heeft de hulpverlening in het gebied de laatste tijd uitgebreid. Zij verwachten dat ze vierhonderd miljoen dollar nodig hebben voor hulp en voedsel. Maar dat geld hebben ze nog lang niet. Daarom hopen verschillende goede doelen dat ze snel meer geld krijgen van regeringen van rijke landen. Het WPF ziet ook een klein lichtpuntje: de overstromingen hebben er waarschijnlijk voor gezorgd dat er meer grondwater beschikbaar is. 

    Zo'n dertien miljoen mensen in het oosten van Afrika hebben te weinig eten, meldt het Wereldvoedselprogramma (WPF). En dat aantal kan nog hoger worden. Dat komt doordat het moeilijk is om er voedsel te verbouwen, maar ook om eten van andere landen te kopen. Drie vragen en antwoorden.
  • Finnen zijn het gelukkigst 

    Informatie

    Plaats als eerste een reactie

    Elsa uit Helsinki vertelt waardoor het komt dat Finnen het gelukkigst ter wereld zijn.
    Privé foto

    Oorlog

    De onderzoekers verzamelden hun gegevens voordat buurland Rusland Oekraïne binnenviel. Oorlogen en conflicten hebben een grote invloed op het geluksgevoel van mensen. Onderaan de gelukslijst staan dan ook landen waar bijna allemaal (burger)oorlogen worden gevoerd, zoals Afghanistan. Niet zo gek, want onderzoekers weten dat als mensen een rustig leven hebben, ze zeggen dat ze gelukkiger zijn. Nederland staat trouwens op de vijfde plek in de lijst.

    Elsa (10) uit Helsinki  

    "Ik snap het wel dat Finland het gelukkigste land is. We hebben heel goede gezondheidszorg. We hoeven nauwelijks medicijnen te betalen als we ziek zijn. Ook krijg ik op school veel leuke lessen, soms ook in de natuur. Dat vind ik speciaal aan Finland. We wonen in de stad, maar overal zie je groen. Ik vind ook dat onze vrouwelijke premier Sanna Marin goede beslissingen heeft genomen in de coronatijd. Ze vond het belangrijk dat ik gewoon naar school kon, dus ik heb nauwelijks last gehad van de beperkingen."

    Alvaro (10) uit Tampere  

    "Ik vind het gek dat ik in het gelukkigste land woon, maar ik ben hier wel gelukkig. Het is fijn dat je hier heel veel ruimte hebt. Er wonen maar 5,5 miljoen mensen terwijl het 8,5 keer zo groot is als Nederland. Daarom vind ik het erg jammer dat de stad steeds voller raakt en er meer gebouwd wordt. Ik word ook gelukkig van mijn school. We hebben een les genaamd ‘yhteiskuntaoppi’ waarin ik leer over de waarde van gelijkheid, vrijheid en het helpen van anderen." 

    Dit artikel verscheen ook in Kidsweek 

    Voor de vijfde keer op rij is Finland door de Verenigde Naties uitgeroepen tot het gelukkigste land ter wereld. Volgens de onderzoekers van het World Happiness Rapport zijn daar een aantal redenen voor. De woonomgeving, gezondheidszorg, coronaregels en het onderwijs.  
  • Blijven in Oekraïne

    Interview

    Plaats als eerste een reactie

    Op de negende dag van de oorlog in Oekraine vluchtte Taras van Charkov naar Dnipro.
    Natallia Ohorodnia

    Taras (12) vluchtte van Charkov naar Dnipro

    "Al meteen toen de oorlog begon, vlogen er veel militaire vliegtuigen boven Charkov. Ook kwamen de schoten en explosies steeds dichterbij. Daarom besloten mijn ouders op de negende dag te vluchten naar een veiliger plek. Vrijwilligers hielpen ons. Mijn opa en oma zijn achtergebleven. Ze zijn ziek en oud en wilden niet mee. Gelukkig bellen we vaak. Ik nam alleen mijn Lego en PlayStation mee, de hond en kat moesten achterblijven. Daar ben ik heel verdrietig over. De reis naar Dnipro was heel spannend. In het busje werd alleen af en toe gefluisterd. Onderweg zag ik veel militaire voertuigen en mensen op de vlucht. Ook klonken er explosies. Gelukkig zijn we goed aangekomen. De stad voelt als een veilig fort. In het centrum zag ik soldaten met machinegeweren. Dat geeft me het gevoel dat ik ben beschermd tegen de vijand. Het is hier rustiger, waardoor ik minder stress heb. In dit soort panieksituaties moet je je hoofd koel houden."

    Eva blijft in de Oekraïense hoofdstad Kiev.
    Eva blijft in de Oekraïense hoofdstad Kiev. Deze foto is van vorig jaar.

    Eva blijft in de hoofdstad Kiev

    "Samen met mijn vader woon ik in het centrum van Kiev. Hij is aikidotrainer, maar helpt nu de stad verdedigen. Daarom logeer ik bij vrienden in een veiligere buitenwijk. Elke avond voor het slapengaan bel ik met hem. De eerste paar dagen van de oorlog, verstopte ik me in de badkamer. Dat was de veiligste plek van de flat. Dat doe ik niet meer. We gaan zelfs niet meer naar de schuilkelder. Eigenlijk was ons beloofd dat we online les zouden krijgen, maar veel leraren zijn gevlucht. Dus ik kijk tekenfilms op tv, of YouTube- en TikTok-filmpjes. Ook chat ik met vrienden en klasgenoten. We hebben het goed hier. Er is elektriciteit, water en de koelkast zit vol eten. Supermarkten zijn nog open, voor de rest is alles dicht. Maar ik wil liever niet naar buiten."

    Al zeker twee miljoen Oekraïners vluchtten naar het buitenland. Maar er zijn ook veel mensen die in hun land blijven. Eva en Taras (allebei 12) vertellen hoe het daar nu is.
  • Quiz over Ruzie

    Quiz

    Plaats als eerste een reactie

    Wat weet jij over de oorlog in Oekraïne? En wat is de invloed van de spanningen tussen Israëliërs en Palestijnen voor Nabil (10) uit Gaza? Doe de quiz!
  • Feiten en weetjes over oorlogen en gewapende conflicten

    Informatie

    Plaats als eerste een reactie

    Militairen tijdens de viering van Onafhankelijkheidsdag in Indonesië
    Shutterstock

    Wat is oorlog?

    Oorlog is een gewapende strijd tussen volkeren of landen. Als groepen binnen dezelfde staat met elkaar vechten, dan is dat een burgeroorlog. Die burgeroorlogen hebben vaak een lange en ingewikkelde voorgeschiedenis die voor buitenstaanders moeilijk te begrijpen is. Meestal gaat het over ongelijke behandeling, grondgebied, rijkdommen of water. Officieel mag het woord oorlog niet zomaar gebruikt worden. Er moeten bijvoorbeeld minstens duizend doden zijn gevallen op één plek of tijdens één moment. Maar het precieze aantal slachtoffers is vaak moeilijk te bepalen. Door de chaos die bij een oorlog ontstaat, maar ook doordat de vechtersbazen belang hebben bij het verspreiden van verkeerde aantallen.

    Doelwit

    Wereldwijd zijn er afspraken gemaakt tussen landen over het voeren van een oorlog. Die regels zijn vastgelegd en ondertekend in internationale verdragen. In een ideale wereld zou iedereen zich hieraan houden. Maar dat is niet zo. Deze regels worden geschonden. Een van deze afspraken is dat burgers nooit het doelwit mogen zijn. Toch worden zij aangevallen door strijdende partijen en vallen vaak de meeste dodelijke slachtoffers onder burgers.

    Nazi-Duitsland

    De oorlog met de meeste slachtoffers is de Tweede Wereldoorlog. Volgens schattingen zijn er toen wereldwijd rond de 75 miljoen doden gevallen. Slechts 20 miljoen hiervan waren soldaten, de rest burgers. In de Sovjet-Unie stierf bijvoorbeeld 25% van de bevolking: één op de vier. De meeste slachtoffers vielen aan de kant van de geallieerden. Dat waren de landen die samen tegen nazi-Duitsland en hun bondgenoten vochten. Belangrijk om te weten: niet alle doden vielen door wapengeweld. Ook door bijvoorbeeld uitputting of honger kwamen mensen om.

    Grenzen en geloof

    Veel oorlogen gaan over land of grondgebied verdedigen of terugveroveren. Een andere reden voor oorlog kan het geloof zijn. Godsdienst-oorlogen zijn al zo oud als de weg naar Rome. Bijvoorbeeld in Europa tussen de protestanten en de katholieken in de zestiende en zeventiende eeuw. Een andere godsdienstoorlog is de jihad. Dit Arabische woord betekent ‘leven als een goede moslim’, maar zo heet ook de gewapende strijd van extreem gelovige moslims zoals die van terreurgroepen IS in Irak en Syrië en de Taliban in Afghanistan.

     

    Globy salueert.
    Globy als soldaat

    Scheidsrechter

    Zal er altijd oorlog blijven? Die vraag stellen veel mensen zich natuurlijk. De ‘gewone’ burgers zitten helemaal niet te wachten op bommen op hun huis of tanks door de straten. Maar: er is geen wereldregering en ook geen wereldpolitie die als een soort scheidsrechter alles in de gaten houdt. Landen en volken voelen zich daardoor onzeker en gaan zich bijvoorbeeld extra goed bewapenen. Als de één dat doet, wordt de ander zenuwachtig. Die gaat ook meer wapens kopen of meer soldaten trainen. Dit heet ook wel een wapenwedloop. Dat zie je bijvoorbeeld tussen Noord- en Zuid-Korea en ook tussen India en China. Een manier om die onzekerheid van landen te verkleinen, is bondgenoten vinden. Alleen weet niemand 100% zeker hoe eerlijk die bevriende landen zijn. En soms begrijpen regeringsleiders elkaar niet altijd even goed.

    Democratie

    Er zijn steeds meer democratieën op de wereld. In deze landen is een gekozen regering aan de macht. Goed nieuws, want uit onderzoek blijkt dat er in landen met gekozen mensen aan de macht minder oorlog wordt gevoerd. Ruim de helft van de wereldbevolking woont nu in een democratisch land. Vlak na de Tweede Wereldoorlog waren nog maar 21 landen een democratie. Nu zijn dat er 87 van de 195 landen.

    Vrede op aarde. Dat wil iedereen wel. Toch zijn er overal ter wereld oorlogen en gewapende conflicten. Waarom zijn die er? En is er een oplossing?
  • Voetbalstrijd tussen broers: Ajax of PSV

    Reportage

    Plaats als eerste een reactie

    Om ruzie te voorkomen kijken de broers Luuk en Daan wedstrijden tussen PSV en Ajax apart.
    Rob Keeris

    Wie de grootste voetbalfan is? Die vraag veroorzaakt al bijna ruzie. Daan: “Ik lees het meeste over voetbal. Daar is Luuk niet zo van.” Luuk: “Maar ik heb heel veel PSV-dingen.” Het is duidelijk: voetbal is een gevoelig onderwerp dat al snel tot conflicten kan leiden. De clubs spelen elk seizoen twee keer tegen elkaar. Dat zijn de enige wedstrijden die de broers niet samen kijken, om ruzie te voorkomen. Daan kijkt dan met zijn vader in de woonkamer, Luuk met zijn moeder in de slaapkamer. Daan: “Mama houdt eigenlijk niet van voetbal, maar ze is voor PSV om het een beetje gelijk te trekken binnen het gezin.” Wie verliest, kan niet op steun van de ander rekenen, vertelt Luuk. “Dan zijn we juist blij voor onszelf. Die strijd voelen we echt wel.” Daan: “Ik ben al vanaf mijn vijfde voor Ajax, omdat mijn vader ook voor Ajax is. En omdat zij goed presteren, vaak bovenaan staan en goede spelers hebben.” Luuk is al die tijd al voor PSV. “Ik vond het leuk dat Luuk de Jong bij PSV speelde, omdat hij dezelfde naam heeft als ik. Toen hij wegging ben ik voor PSV gebleven, omdat daar veel goede spelers zijn.”

    Plagen en negeren

    De twee plagen elkaar regelmatig. Daan vraagt bijvoorbeeld expres wie er bovenaan staat, als hij wel weet dat dat Ajax is. En Luuk zegt wel eens dat Ajax slecht is. Daan doet dan juist net alsof hij het niet hoort. “Dat gaat mijn ene oor in en mijn andere oor weer uit. Dat is soms beter.” Luuk: “Ik vind het irritant dat je dan niet reageert. Want ik vind het grappig als je boos wordt.” Daan: “Maar je stopt dan wel vaak. Dus het werkt wel.” Daan houdt zich ook vaak in bij zijn vrienden, die bijna allemaal voor het Brabantse PSV zijn. “Laatst won Ajax met 5-0 tegen PSV. Toen heb ik mijn mond maar even gehouden.” Luuk vindt het moeilijker om op z’n tong te bijten. “Als Daan iets naars zegt, reageer ik vaak snel boos. Daarom ga ik dan naar mijn kamer. Als ik na een tijdje terugkom, hebben we het er niet meer over.” Dat doet hij ook als de twee ruzie hebben over iets anders. Dat iemand langer op zijn tablet mag, bijvoorbeeld.

     

    Daan is supporter van Ajax.
    Daan is supporter van Ajax. Rob Keeris
    Luuk is supporter van PSV.
    Luuk is supporter van PSV. Rob Keeris

    Verkeerde flap

    De slaapkamers van de broers staan vol met spullen van hun favoriete club. De twee hebben spaarpotten, foto’s, tijdschriften, vloerkleden en nog veel meer. Hun pronkstuk zijn de dekbed-overtrekken. Tot Luuk iets ontdekte. “Ik zag ineens Amsterdam staan op de flap aan de onderkant. Er zat dus een verkeerde flap aan mijn dekbedovertrek! Ik wilde er direct niet meer onder slapen, want ik vind Ajax een stomme club.” Om het goed te maken kwam Phoxy, de mascotte van PSV, een nieuwe brengen. Dat had de fanclub geregeld, omdat ze het zo erg vonden dat Luuk er zo van baalde. “Dat was heel gaaf.” Daan vond het juist grappig dat Luuk al een tijdje met zijn tenen onder het Ajax-logo sliep. “Hij dacht dat papa en ik er iets mee te maken hadden. Maar wij kunnen niet eens naaien! Ik vond het eigenlijk ook wel leuk dat Phoxy kwam. Het is heel bijzonder dat er een mascotte van een grote club bij je thuiskomt. En hij is bevriend met Lucky, de mascotte van Ajax.”

    PSV-fan Luuk sliep onder een dekbedovertrek met een Ajax-flap.
    PSV-fan Luuk sliep onder een dekbedovertrek met een Ajax-flap. Rob Keeris

    Voetbalgeweld

    Veel voetbalfans gaan erg ver voor hun favoriete club. Sommige supporters gaan zelfs met supporters van een andere club op de vuist. In Nederland is de laatste jaren steeds meer van dit hooligangeweld, liet de regering in november weten. Daarom werden dit seizoen al meer straffen uitgedeeld dan in andere seizoenen. Hoeveel liefde Daan en Luuk ook voor hun club voelen, zij kunnen zich niet voorstellen dat ze geweld zullen gebruiken. Luuk: “Ik denk niet dat ik zelf ooit zo zou doordraaien.” Daan is het met hem eens. “Mensen die dat doen, zouden een stadionverbod moeten krijgen voor een paar seizoenen.”De spanning tussen de twee broers blijft nog wel even. Want Ajax staat bovenaan in de competitie en PSV als tweede. “Daan: “Ik zou het vreselijk vinden als PSV zou winnen. Maar ik denk dat die kans klein is.” Luuk: “Als Ajax wint, vind ik dat echt stom. Maar gelukkig is er volgend jaar weer een kans op het kampioenschap.”

    Voetbal is oorlog, wordt weleens gezegd. In het huis van de broers Luuk (9) en Daan (10) uit Kaatsheuvel leidt het in elk geval regelmatig tot ruzie. Daan is namelijk voor Ajax. En Luuk voor PSV.
  • Bende-geweld in Zuid-Afrika

    Interview

    Plaats als eerste een reactie

    De broer van Masturah uit Kaapstad overleed door bende-geweld.
    Eveline Gerritsen

    Waarom vechten straatbendes met elkaar?

    “De gangs hebben al jarenlang conflicten, maar niemand weet meer precies waarom die ooit zijn begonnen. Nu gaat het vaak om territorium: de bendes willen allemaal de baas zijn in een zo groot mogelijk deel van de wijk. In hun straten mogen alleen zij drugs verkopen. En elke winkelier moet elke maand geld betalen aan die gangs voor hun veiligheid en bescherming. Als ze dat niet doen, worden ze overvallen door andere bendes. De bendes vechten regelmatig met elkaar. Tijdens die gevechten sterven bendeleden en daar wordt dan weer wraak op genomen. Er zijn ook overdag schietpartijen, maar toch speel ik met vriendinnen buiten. We doen tikkertje of verstoppertje op het plein tegenover onze flats. Of we gaan naar de speeltuin, maar die is niet zo leuk.”

    Wil je wat meer vertellen over je broer?

    “Vier jaar geleden is Masood door een gangster neergeschoten. Hij was toen zestien. Mijn broer had al eens ruzie met deze jongen gehad, omdat hij vaak dronken ruzie kwam zoeken in onze buurt. Hij wilde mijn broer toen een keer slaan, maar Masood was sneller en gaf hem een klap in z’n gezicht. Toen deze jongen zich aansloot bij een gang, moest hij zich bewijzen tegenover de andere gangleden. Het is de regel dat je een bekende moet doden, voordat je echt lid bent. Soms vertelt de bendeleider wie je moet neerschieten, maar een nieuw lid kan ook iemand kiezen waar hij wraak op wil nemen. En dat was dus Masood.”

    Masturah uit Zuid-Afrika vertelt over het bende-geweld in haar wijk in Kaapstad.
    "Door boos te zijn, krijg ik mijn broer niet terug." Eveline Gerritsen
    De broer van Masturah overleed door bende-geweld in Kaapstad.
    Straatbendes maken het gevaarlijk in de wijk van Masturah. Eveline Gerritsen

    Ben je boos op de dader?

    “Ik zie de dader weleens op straat, want hij woont in dezelfde buurt als mijn neef. Maar ik wil dat hij uit mijn buurt blijft en dat geldt ook voor zijn familie. Maar door boos te zijn, krijg ik mijn broer niet terug. Ik ben vooral verdrietig en ik mis hem erg. Masood en ik gingen vaak samen naar het park om te spelen en dan kocht hij een zakje chips voor mij. Als ik hem heel erg mis, dan ga ik naar het winkeltje om dezelfde chips te kopen. Masood kwam me altijd ophalen van school en als ik gepest werd, nam hij het voor me op. Na zijn dood wilde ik een tijdje niet meer naar school, maar nu doe ik juist extra mijn best zodat mijn broer trots kan zijn op mij.”

    Wat wordt er gedaan om het geweld te stoppen?

    “Mensen durven niet naar de politie te stappen om iemand aan te geven. Soms werken agenten samen met de gangsters, dus ik vertrouw ze niet. Verder vindt de politie het te gevaarlijk om onderzoek te doen naar de daders. Als een gangster wordt opgepakt, komt dat vooral omdat de familie van het slachtoffer zelf op zoek is gegaan naar bewijs. Mijn familie heeft dat niet gedaan, want we krijgen Masood daar niet mee terug. Veel jongens uit mijn buurt worden lid van een gang omdat ze geld kunnen verdienen met drugs dealen. Vaak zijn hun familieleden ook lid van dezelfde bende en willen ze er gewoon bij horen. Mijn broer was geen lid van een gang. Hij wilde ook dokter worden, net als ik.”

    Wat is volgens jou de oplossing?

    "Onze imam praat vaak met bendeleden om de verschillende conflicten tussen de gangs op te lossen. Hij praat ook vaak met jongens die net lid zijn geworden van een gang of lid willen worden. Die hebben bij hem koranlessen gevolgd in de moskee. Hij legt ze uit dat ze hun leven op het spel zetten en dat ze niet meer terug kunnen, zodra ze eenmaal lid zijn van een bende. Zo probeert hij ze ervan te behoeden dat ze domme dingen doen, zoals onschuldige mensen doodschieten. Wraak nemen heeft in elk geval geen zin. We krijgen veel steun van Kashifa, een vrouw uit onze wijk die ook haar zoon verloor door bendegeweld. Ze begon een organisatie voor moeders die hetzelfde hebben meegemaakt. Tijdens speciale lunches kunnen deze vrouwen met elkaar praten en gevoelens delen. Kashifa gaf mijn moeder bijvoorbeeld de tip om een boekje te maken met foto’s van mijn broer. Daar schrijven we korte verhalen of gedichten in als we hem missen. Dat helpt om ons verdriet te verwerken.”

    In de wijk van Masturah (12) uit Kaapstad in Zuid-Afrika is het gevaarlijk. Leden van straatbendes schieten zelfs overdag op elkaar en doden ook onschuldige buurtbewoners, zoals de broer van Masturah.
  • Strijd met de gemeente

    Interview

    Plaats als eerste een reactie

    Tim bouwde een boomhut die van de gemeente moest worden afgebroken.
    Remko Silvertand

    Waar was ruzie over?

    “Ik droom al jaren over een heel grote boomhut, maar in onze tuin staat geen geschikte boom. Ik schreef de burgemeester of ik er één mocht bouwen op het plein voor ons huis. Na een maand kreeg ik bericht. Hij gaf toestemming. Toen de boomhut af was, maakten we bankjes en hingen we lampjes op. Ik ging er elke dag naartoe. Maar na twee weken kwamen mensen van de handhaving aan de deur om te vertellen dat we hem moesten afbreken.”

    Toen ben je zeker als protest handtekeningen gaan inzamelen?

    “Dat niet. Mijn ouders en ik hebben de handhavers de brief van de burgemeester laten zien. Maar blijkbaar had de burgemeester niet verwacht dat hij zo groot zou zijn. Dat vond ik gek, want hij had niet in de brief gezet hoe groot de hut mocht worden. Om aandacht te vragen heb ik een interview gedaan voor de regionale krant. Maar de burgemeester bleef bij z’n beslissing. De hut moest weg.”

    Wat vond je daarvan?

    “Ik was heel verdrietig. Als ik nu langs de plek loop, denk ik: "Had ik hem maar kleiner gemaakt." Maar ik heb er geen spijt van, want het was echt heel leuk. En nu maak ik gewoon weer kleinere boomhutten met mijn vrienden in het park.”

     

    Fietsheld Amé wil veiliger verkeer voor haar school. Ze wil dat de gemeente daar wat aan doet.

    Burgemeesters en wethouders

    De Nederlandse bevolking telt zo’n 17 miljoen mensen. Die wonen verdeeld over 352gemeenten. Burgemeesters en wethouders bepalen in die gemeenten waar bijvoorbeeld gebouwen, fietspaden en speeltuinen komen. Burgers zijn het niet altijd eens met de beslissingen van hun gemeentebestuur. In 2020 waren er 98.000 rechtszaken tussen burgers en de overheid.In 2020 was er een recordaantal meldingen over burenoverlast: zo’n 20.000.

    Top 3 burenruzies:
    te luide muziek
    spelende kinderen
    verbouwingsherrie

    Eerst vond de burgemeester het goed dat Tim een boomhut ging bouwen. Daarna moest hij 'm toch weer afbreken. Waarom?
  • Excuses voor geweld in Indonesië 

    Nieuws

    Plaats als eerste een reactie

    Kinderen op West-Java knikkeren op het strand.
    Shutterstock

    Hoe ontstond de onafhankelijkheidsoorlog? 

    "Nederlands-Indië, het huidige Indonesië, was zo’n 350 jaar een kolonie van Nederland. Tot Japan het in de Tweede Wereldoorlog veroverde. Daarna wilde Nederland er weer de baas spelen, maar de Indonesiërs wilden onafhankelijk worden en er ontstond een oorlog."

    Wat voor geweld is er toen gebruikt? 

    "Er zijn dorpen in brand gestoken, gevangenen gemarteld en doodgeschoten... het ging echt over de grens. Kort na die oorlog kwamen daar al verhalen over naar buiten. Uit ons onderzoek blijkt dat de regering er in die tijd wel van wist, maar niets deed. Ook militairen werden bijna nooit bestraft."

    Waarom heeft Rutte dan nu sorry gezegd?

    "De regering zei lang dat het geweld alleen maar een uitzondering was. Dat kun je nu niet meer volhouden. Daarom maakte Rutte excuses. Dat is erg belangrijk, vooral voor de mensen in Indonesië maar ook in Nederland, voor wie het nog steeds een pijnlijk onderwerp is."

    Waarom is dat zo?

    "Er zijn in ons land twee miljoen mensen die een band hebben met deze geschiedenis. Bijvoorbeeld Nederlanders die in Indonesië hebben gewoond of familie van militairen die daar voor Nederland hebben gevochten. Dus ik hoop dat er nu meer over wordt gepraat en er ook meer les over komt op school."

    Dit artikel verscheen ook in Kidsweek. 

    Tijdens de onafhankelijkheidsoorlog in Indonesië (1945-1949) heeft Nederland veel extreem geweld gebruikt. Dat blijkt uit nieuw onderzoek. Premier Rutte heeft sorry gezegd. Maar waarom is dat na zoveel jaar nog belangrijk? Onderzoeker Azarja Harmanny legt uit. 
  • Voetbalfeest in Senegal

    Interview

    Plaats als eerste een reactie

    In Dakar vierde Yacine (13) de overwinning van Senegal tijdens de Africa Cup.
    Sophie Schouwenaar

    "Ik heb alle wedstrijden van ons team gekeken", vertelt Yacine. "De finale keek ik bij mijn oom Mohamed thuis. Voor de gezelligheid, maar hij heeft ook een groter beeldscherm." In Senegal geloven veel mensen in magische geluksbrengers. Die heten gris-gris. Yacine weet zeker dat de spelers van Egypte, de tegenstander in de finale, aan zwarte magie deden om te winnen en daarom ook amuletten bij zich droegen.  

    Hoop

    De finale was bloedstollend. Na de verlenging stond het nog steeds 0-0 dus kwamen er penalty’s. "Ik werd echt nerveus. Toen Bouna Sarr miste, rende ik schreeuwend van teleurstelling de straat op. Ik wilde zelfs de geschminkte vlag al van mijn wang vegen, maar mijn vader zei dat er nog hoop was. Toen Sadio Mané de bal neerlegde, wist ik zeker dat hij zou scoren. Hij is de beste speler. En hij is een goed mens. In zijn geboortedorp heeft hij een ziekenhuis en een school laten bouwen. Ook geeft hij elk huishouden elke maand 75 euro." 

    Drukte en gedrang 

    Mané schoot inderdaad raak en weer rende Yacine de straat op. Dit keer huilend van geluk. Het was feest tot diep in de nacht en ze ging pas om twee uur slapen. Dat was niet erg, want maandag werd uitgeroepen tot een nationale feestdag. Overal in de straten was er muziek, dans, en vooral een enorme drukte en gedrang. "Echt alles en iedereen vierden feest!"

    Groot feest in Senegal! Het nationale voetbalelftal won zondag voor het eerst de Africa Cup. Na een zenuwslopende penaltyreeks ontploften de straten van de hoofdstad Dakar. Yacine (13) was erbij. 
  • Recht op onderwijs

    Informatie

    Plaats als eerste een reactie

    Sujata uit Nepal doet haar best op school. Later wil ze verpleegster worden.
    Saikat Mojumder

    Meer kinderarbeid

    Voor de corona-pandemie ging ruim 90 procent van alle kinderen op de wereld naar school. In rijke landen was dat zelfs 95 procent. Nu zullen die cijfers anders zijn. Want door de schoolsluitingen, één van de corona-maatregelen, gaan volgens kinderrechtenorganisatie Unicef zo'n 23 miljoen leerlingen niet meer terug naar school. Bijvoorbeeld in Bangladesh zou één op de tien meisjes tussen twaalf en vijftien na sluiting niet meer terug naar school gaan. Door die sluitingen zijn wereldwijd grote leerachterstanden ontstaan en is kinderarbeid voor het eerst sinds twintig jaar weer gestegen. Behalve dat kinderarbeid is gestegen, is er nog een ander negatief effect. Veel kinderen kregen alleen op school een gezonde maaltijd. Die hebben ze de afgelopen tijd ook moeten missen.  

     

    Wereldwijd

    Er waren altijd al grote verschillen in werelddelen of gebieden. Zo gingen er in Afrika onder de Sahara de minste kinderen naar school: 80 procent. Dertig jaar geleden was dat trouwens nog maar de helft van alle kinderen. Het ging tot twee jaar geleden dus beter dan ooit. Er waren zelfs landen waar meer kinderen naar school gaan dan in de Verenigde Staten, zoals Rwanda, Bangladesh en Mexico. De regeringen van deze landen en hulporganisaties hebben hier enorm hard aan gewerkt. 

    Grote verschillen op school

    Niet alle scholen zijn even goed. Buiten Europa gaan de kinderen uit armere gezinnen vaak naar een 'openbare' school waar ouders geen of weinig schoolgeld hoeven te betalen. De regering betaalt dit onderwijs. Dat klinkt ideaal, maar de lokalen zijn vaak overvol en er zijn weinig voorzieningen zoals computers of toiletten. Kinderen uit wat rijkere families gaan vaak naar privéscholen waar alles veel beter is geregeld. Op de meeste scholen buiten Europa is een schooluniformen verplicht. En in veel Afrikaanse landen, zoals Ghana, moeten jongens en meisjes hetzelfde korte kapsel. 

    De school van Laboni (13) uit Bangladesh overstroomde door cycloon Aila.
    De school van Laboni (13) uit Bangladesh overstroomde door cycloon Aila. Saikat Mojumder
    Steeds meer meisjes gaan naar school, zoals Wiam (9) uit Marokko.
    Steeds meer meisjes gaan naar school, zoals Wiam (9) uit Marokko. Wineke Onstwedder
    Veel vluchtelingenkinderen kunnen een tijd niet naar school.
    Veel vluchtelingenkinderen kunnen een tijd niet naar school. Gerdien Wolthaus Paauw

    Waarom gaan kinderen niet naar school?

    Voor de corona-maatregelen waren dit de redenen waarom kinderen niet naar school gingen:
    * de ouders hebben geen geld voor schoolspullen of het schooluniform dat in veel landen verplicht is
    * ouders willen dat hun dochters jong trouwen
    * er zijn geen aparte douches of wc's voor meisjes
    * er staat een meester voor de klas: sommige ouders vinden dat niet goed voor hun dochter
    * de scholen zijn te ver weg 
    * de weg naar school is gevaarlijk doordat er oorlog is
    * de kinderen moeten helpen met geld verdienen of klusjes in huis of op het land doen

    Waarom is onderwijs zo belangrijk? 

    Als je naar school gaat, leer je lezen, schrijven en een heleboel andere vakken. Maar je leert ook vrienden maken en samenwerken. Je krijgt discipline en klasgenoten vertellen de leukste moppen! School is belangrijk voor je toekomst. Dat zeggen volwassenen en de leerkrachten als ze willen dat je je best doet. Ze hebben wel gelijk: je kans op een goede baan met een goed salaris wordt groter als je naar school of naar de universiteit gaat. Maar dat betekent niet dat iedereen altijd alleen maar met z’n neus in de boeken hoeft te zitten. De samenleving heeft ook heel veel aan mensen die goed zijn met hun handen en die dingen kunnen maken. Maar ook dat leer je vaak op een praktijkschool. 

    Meisjes in de klas 

    Er waren altijd grote verschillen tussen jongens en meisjes. Lange tijd gingen er minder meisjes naar jongens naar school. Terwijl het voor meisjes juist nog belangrijker is. Een meisje dat naar school is geweest, is zelfstandiger en verdient later meer als ze gaat werken. Haar salaris besteedt ze voor een groot deel aan haar gezin. Haar kinderen zijn daarom gezonder en gaan vaker en langer naar school. Met een diploma kunnen zij ook geld verdienen en dat is goed voor de economie van het land. Van onderwijs wordt dus iedereen beter. 

    Een van de kinderrechten is het recht op onderwijs. Tot de corona-maatregelen ging het best goed met het aantal kinderen dat naar school ging. Maar nu blijkt dat in veel landen leerlingen na schoolsluiting niet meer terugkeren naar de klaslokalen. Kinderrechtenorganisatie Unicef heeft het over 23 miljoen.