Overslaan en naar de inhoud gaan
  • Bijzondere vondst in de Gazastrook

    Nieuws

    Plaats als eerste een reactie

    Ahmad uit de Gazastrook vond een mozaïekvloer van wel 1700 jaar oud.
    Ibrahim Isbaitah

    Normaal stuit hij op stenen tijdens het ploegen of spitten. Maar die dag hoorde hij een nieuw geluid. "Ik hakte en groef een gat voor een sinaasappelboom en wat plantjes munt. Tot het klonk alsof ik een lege fles raakte." Hij vond wat glasscherven en legde z’n bijl en spade aan de kant. Voorzichtig groef hij wat verder. "Ik zag een heel grote steen en daaronder een mozaïek afbeelding. Ik riep m’n vader en ook hij was in shock. We belden een oom en die zei dat we het ministerie van oudheden en toerisme moesten bellen. Ze waren er binnen een uur met een heel team experts en gereedschap. Die avond keken we op Google en begreep ik hoe bijzonder de vondst was." 
    De mozaïekvloer blijkt zo’n 1700 jaar oud en gelegd tijdens het Byzantijnse Rijk. Heel af en toe vindt iemand iets uit deze tijd, bijvoorbeeld tijdens bouwwerkzaamheden. Maar niet iedereen meldt het omdat ze dan niet verder mogen bouwen of op een andere manier geld mislopen.

    Interviews

    Ahmad is al weken door het dolle heen en blij dat hij nu eindelijk mag praten over zijn vondst. "De eerste vijf interviews waren een ramp. Ik kon niets uitbrengen voor de camera. Maar nu heb ik al meer dan twintig interviews gegeven voor journalisten uit de hele wereld. Ik ben blij dat m’n vrienden me op tv en het internet zagen. Het zou wel fijn zijn dat ik geld zou krijgen voor al die interviews, maar journalisten betalen niets."

    Vluchtelingenkamp

    De Gazastrook is dichtbevolkt en Ahmad en zijn familie woont in een vluchtelingenkamp dat na het stichten van Israël (1948) is gebouwd door de Verenigde Naties, zo’n uur lopen van hun land. Ahmad hoopt dat zijn vondst een kans is op een betere toekomst. "Misschien kan ik geschiedenis gaan studeren of archeoloog worden en meer van dit soort schatten ontdekken." Maar de familie leeft nu vooral in onzekerheid. Ze verdienen geld met de opbrengsten van hun land en hun olijfbomen waren altijd de grootste bron van inkomsten. Ze weten niet of ze volgende week wel de olijven kunnen gaan oogsten. Ook is het onzeker of ze komend seizoen andere gewassen kunnen verbouwen of dat ze een ander stuk land krijgen. Landbouwgrond is schaars en bovendien is dit stuk land al generaties in de familie. Toch blijft Ahmad trots. "Misschien komt er een museum op ons land en dan worden er schoolreisjes georganiseerd naar iets dat ik heb ontdekt!" 

    Twee maanden lang moest Ahmad (14) uit Bureij in de Gazastrook op z’n tong bijten. Niemand mocht weten over de eeuwenoude mozaïekvloer die hij had gevonden. Tot vorige week. "Nu heb ik al meer dan twintig interviews gegeven voor journalisten uit de hele wereld."
  • Poll over Humor

    Poll

    Plaats als eerste een reactie

    Niet iedereen vindt hetzelfde grappig. Maar wat vind jij: mag je overal grappen over maken?
  • Quiz over humor

    Quiz

    Plaats als eerste een reactie

    Iedereen vindt iets anders grappig. Dat ligt aan je leeftijd, cultuur en je smaak. Wat weet jij over humor? Doe de quiz!
  • Lesdoel Burgerschap Digitaal Samenleven

    Burgerschap blog

    Doelen

    De leerlingen leren:

    • dat bij digitaal communiceren ook omgangsregels gelden en kunnen deze toepassen;
    • hun eigen mediagebruik te onderzoeken, zich bewust te worden van de gevolgen en van de ethische aspecten hiervan;
    • de betrouwbaarheid van digitale informatiebronnen te onderzoeken en de verschillen tussen betrouwbare en niet-betrouwbare informatiebronnen te benoemen;
    • de gevolgen van digitaal communiceren en discussiëren voor henzelf en voor anderen te onderzoeken;
    • over verschillende vormen van media(boodschappen), de toegang daartoe en hun invloed op hun eigen leefstijl en die van anderen;
    • zorg te dragen voor eigen digitale veiligheid en die van anderen.

    Lesmateriaal bij het burgerschapsdoel Digitaal Samenleven


    Cyberveiligheid
    In een filmpje legt een agent uit wat de politie doet om de digitale wereld veiliger te helpen maken en wat je zelf kunt doen (kennis). Leerlingen worden aan het denken gezet over wat zij ervan zouden vinden als de overheid in Nederland ook strenge regels zou maken over webbezoek en gamen, zoals in China. En hoe cyberveilig ben jezelf? (houding en gedrag). Bekijk het hier.

    Gameverslaving
    Wat kun je doen als je gamen erg verslavend vindt? En wat zijn de voors en tegens van gamen? (houding en gedrag). Aan de hand van een artikel over twee jongens uit India gaan  leerlingen hierover nadenken (kennis). Bekijk het hier.

    Media
    In ons magazine Media met lesmateriaal leren leerlingen welke rol media spelen in Kenia en Sudan (kennis) en denken ze na over de rol van media in hun leven (houding en gedrag). Kunnen de leerlingen een oplossing bedenken voor het feit dat lang niet alle mensen in alle landen toegang tot media hebben? En mogen de media gecontroleerd worden door de regering?

    Test: Wat voor journalist ben jij?
    Welke effecten heeft de online wereld op je identiteit en je persoonlijke (online) leven? Leerlingen leren tijdens de lessen burgerschap over digitaal samenleven kritisch en creatief nadenken over de inhoud en het gebruik van verschillende media.
  • Excuses voor Srebrenica

    Nieuws

    Plaats als eerste een reactie

    Een vrouw bidt bij de begraafplaats in Potocari in Bosnië en Herzegovina.
    Shutterstock

    Op de begraafplaats in Potocari, in het land Bosnië en Herzegovina, zijn vandaag duizenden mensen aanwezig. Zij herdenken een verschrikkelijke moordpartij, die in 1995 plaatsvond. In die tijd hoorde Bosnië nog bij het grotere land Joegoslavië. Serviërs, Kroaten en Bosnische moslims woonden er door elkaar. Bosnische Serviërs wilden toen het land overnemen en gebruikten daarbij veel geweld. Het liep uit op een bloedige burgeroorlog.

    Op de vlucht

    Duizenden Bosnische moslims sloegen op de vlucht voor het geweld. Zij gingen naar plekken waar ze geholpen zouden worden. Eén van die plekken was Srebrenica, waar op dat moment Nederlandse soldaten waren. Het was hun taak om de Bosnische vluchtelingen te helpen. Maar dat mislukte.

    De Nederlandse militairen, een paar honderd, waren met te weinig en hadden ook niet genoeg wapens. Op 11 juli 1995 vielen Servische soldaten Srebrenica binnen. De vrouwen en kinderen uit Srebrenica werden naar een vluchtelingenkamp gebracht. De mannen niet. Zij zouden, volgens de Bosnische Serviërs, eerst ondervraagd worden. Daarna zouden ze alsnog naar het kamp gaan.

    Vermoord

    Later bleek dat daar niets van terecht is gekomen. De mannen, meer dan achtduizend, werden vermoord door de Servische soldaten. De massamoord geldt als de grootste oorlogsmisdaad in Europa sinds de Tweede Wereldoorlog.

    Nabestaanden van de slachtoffers vinden dat de Nederlandse staat verantwoordelijk is voor de dood van alle mannen. Zij vinden dat de Nederlandse soldaten hadden kunnen voorkomen dat de moslims werden weggevoerd en vermoord. ‘We kunnen het leed niet van u wegnemen’, zei minister Ollongren vandaag tegen hen. ‘Maar wat we wel kunnen doen is de geschiedenis recht in de ogen kijken."

    Dit verhaal stond ook op de website van Kidsweek. 

    De Nederlandse regering heeft de ‘diepste excuses’ aangeboden aan de nabestaanden van het oorlogsgeweld in Srebrenica in 1995. Dat heeft minister Ollongren van Defensie gezegd bij de 27e herdenking van de gruwelijke gebeurtenis.
  • Samsam thema Humor verschijnt 15 september

    Nieuws

    Plaats als eerste een reactie

    Begin het schooljaar goed! Het thema van Week Tegen Pesten is: 'Grapje! Moet toch kunnen?!' Geheel passend bij deze themaweek staat Samsam in het teken van humor. Hoe gaan kinderen om met online grapjes? Wat is de functie van een grap? En kinderen uit de Verenigde Staten, Libanon en Japan vertellen wat in hun cultuur grappig is. 

    Nog geen abonnee? Bestel vast het lespakket dat bestaat uit 30 magazines met bijbehorend lesmateriaal én een extraatje: de Kidsweek moppenscheurkalender 2023! Dit magazine sluit aan bij de bouwsteen digitaal samenleven en wordt vanaf 15 september 2022 geleverd.

    Begin het komend schooljaar goed met ons themanummer Humor.
  • Jamar uit Suriname heeft het winti-geloof

    Filmpje

    Plaats als eerste een reactie

    Hoe is het winti-geloof in Suriname ontstaan? En wat zijn winti eigenlijk? Jamar (11) en zijn vriend plukken kruiden in de tuin van oom Humbert en maken een switi watra: een kruidenbad. Winti was tot 1972 verboden in Suriname. Hoewel niet iedereen die in winti gelooft er openlijk over praat, zijn er wel steeds meer mensen die de winti-rituelen uitvoeren. "Ik praat er niet over met mijn vrienden, want dan gaan ze me teveel vragen stellen."
  • “Hier kan ik eindelijk spelen”

    Interview

    Plaats als eerste een reactie

    Deebi woont in een opvanghuis in Kathmandu (Nepal).
    Saikat Mojumder

    Dit artikel werd eerder gepubliceerd op 1 november 2013.

    Waarom woon je hier?

    “Gisteren stuurde tante me de straat op voor een boodschap. Maar ik verdwaalde. Mensen brachten me bij de politie. Nadat ik had verteld dat ik de werkster was van oom en tante, brachten ze me hier.”

    Je zegt tante en oom. Waren ze familie?

    “Nee, maar zo noemde ik hen. Tante was de eerste week heel lief. Ze zei dat ze me zag als haar eigen dochter. Maar al gauw ging ze me uitschelden. Ze vond me traag en lui. Dan trok ze aan mijn haar en sloeg ze me op mijn rug.”

    Ging je naar school?

    “Ja, maar ik kwam vaak te laat, omdat ik eerst moest schoonmaken. Ik stond om vijf uur op en was meestal pas om tien uur klaar. Dan moest ik nog een uur lopen. En school begint al om tien uur.”

    Deebi (rechts) is heel blij met haar nieuwe vriendinnen.
    Deebi (rechts) is heel blij met haar nieuwe vriendinnen. Saikat Mojumder

    Hadden jullie dan een kraan in huis?

    “Het water werd één keer per week gebracht. In een tankwagen. Via een pomp ging het naar een tank in de kelder van het flatgebouw. De bewoners pompten het met een elektrische pomp naar de tanks op het dak. Via de waterleiding in huis kwam dat water dan uit de kraan.”

    Wat voor werk deed je?

    “Vegen, borden wassen, de vloer boenen. Ik hoefde gelukkig geen water te halen. Dat is helemaal zwaar werk.”

    Kon je het drinken?

    “Nee, tante kookte het altijd, zodat je niet ziek zou worden. Daarna zette ze het in grote kannen in de koelkast.”

    Wat ga je nu doen?

    “Eerst wilde ik zo gauw mogelijk terug naar mijn moeder. Nu niet meer. Het is hier heel leuk. De andere vier ‘geredde’ meisjes zijn nu al vriendinnen. Hier kan ik lekker spelen.”

    Deebi’s favorieten

    Lievelingseten: chow min (bami met groenten en kip). “Dat maakte tante altijd voor me. Ze kon goed koken.”
    Hobby: spelen met andere kinderen
    Wil later worden: politievrouw

    Kinderarbeid in Nepal

    4 van de 10 kinderen onder de 17 jaar werkt en gaat niet naar school. Kinderen werken in de landbouw, in huishoudens en in theehuizen. Vaak zijn ze door hun ouders ‘meegegeven’, in ruil voor het loon dat de kinderen verdienen. De families voelen zich hiertoe gedwongen omdat ze te arm zijn om het hele gezin te voeden. Het werk van organisaties die tegen kinderarbeid zijn, helpt: het aantal kinderen dat werkt, neemt langzaam af.

    Door: Marnix de Bruyne

    Het leven van Deebi (10) bestond het afgelopen jaar uit wassen en schrobben.  Ze werd gedwongen om als dienstmeisje te werken. Nu is ze net aangekomen in een tehuis op een geheim adres in de Nepalese hoofdstad Kathmandu.
  • Het recht op bescherming tegen kinderarbeid

    Informatie

    Plaats als eerste een reactie

    Deze kinderen in India helpen mee met geld verdienen.
    Peter de Ruiter

    Dit artikel werd eerder gepubliceerd op 16 juni 2021. 

    Stijging kinderarbeid

    In ontwikkelingslanden werken rond de 168 miljoen kinderen tussen de vijf en zeventien. Jarenlang daalde dit aantal, vooral in India werkten steeds minder kinderen. Volgens kinderrechtenorganisatie Unicef is het aantal kinderen dat niet naar school gaat en werkt voor het eerst sinds twintig jaar weer gestegen. Een van de redenen is corona.

    Hoe voorkom je kinderarbeid?

    Onderwijs is de beste manier om kinderarbeid te voorkomen. Maar er zijn nog andere maatregelen nodig om kinderarbeid te laten verdwijnen. Er moeten fabrieken komen waar geen kinderen werken. Waar volwassenen genoeg verdienen om hun kinderen naar school te laten gaan en waar geen grondstoffen worden gebruikt die door kinderhanden zijn gemaakt of geoogst.

    Lening

    De laatste jaren is het geven van een kleine lening aan moeders populair. Dit heet microkrediet. Sommige vrouwen beginnen met dat geld een winkeltje of ze kopen een mannetjes- en vrouwtjesschaap. De lammeren verkopen ze. Anderen maken een grote spaarpot, een 'bank van lening'. Moeders die krap bij kas zitten, lenen wat uit de pot. Voor een nieuw schooluniform voor hun kinderen, bijvoorbeeld. In veel landen mogen kinderen zonder schooluniform geen lessen volgen.

    Informatie

    Veel kinderen, ouders en directeuren van fabrieken weten niet dat kinderarbeid slecht is. Er zijn hulporganisaties die hen dat uitleggen. Dat doen ze met een brief, een folder, een poster, op radio, televisie en internet. Soms ook met een toneelstukje. Dat is handig voor mensen die niet kunnen lezen of schrijven.

    Er zijn nog steeds kinderen die niet naar school kunnen omdat ze moeten werken. Ook al is kinderarbeid in de meeste landen verboden. Een van de kinderrechten is de bescherming tegen kinderarbeid.
  • Afvalberg met telefoons

    Reportage

    Plaats als eerste een reactie

    Zulfi (12) is nooit naar school geweest.
    Wilma van der Maten

    Als een vrachtwagen vol oude telefoons en computers het smalle steegje in de binnenstad van Rawalpindi komt binnenrijden, springt Johnson (13) als eerste in de laadbak. De zware, witte zakken draagt hij een voor een op zijn rug via een steile trap naar een kelder. Hij zet ze tussen bergen ander elektronisch afval, zoals computerbeeldschermen, toetsenborden en printers.

    Hoestbui

    De mobieltjes die Johnson uit de zakken haalt, zijn bijna onherkenbaar. Triomfantelijk laat hij de kale, platte metalen binnenkanten zien. De kapotte plastic hoesjes zijn er al vanaf gehaald.  Johnson gooit de telefoonresten in een grote ton. Van de bruikbare onderdelen worden tweedehands mobieltjes gemaakt. Pakistanen met heel weinig geld kopen ze graag. Johnson barst in een hoestbui uit. De winter is net begonnen. Is hij verkouden? Hij lacht. “Ik kuch het hele jaar door,” vertelt hij. 

    Johnson houdt twee telefoons omhoog
    In telefoons zitten giftige stoffen. Wilma van der Maten

    Giftige stoffen

    De donkere kelders zonder ramen of luchtfilters, waarin hij zeven dagen per week werkt, maken hem ziek. We lopen door de gangen. In stoffige, vieze kamers demonteren verschillende kinderen op de koude grond computers. Ze dragen geen mondkapje. Ook niet als ze de plasticresten van de apparatuur verbranden. De giftige stoffen die daarbij vrijkomen, zoals als kwik en andere zware metalen, veroorzaken astma en huidziekten.
    Mijn longen en huid kriebelen al na tien minuten. De tienjarige Asif lacht mij uit. Hij werkt hier sinds een jaar. Hij heeft er elke dag last van. Naar school gaat hij niet, zoals geen van de kinderen. “Mijn vader is weggelopen,” vertelt Johnson. Zijn moeder verdient als schoonmaakster. Maar dat is niet genoeg om de school voor haar vier kinderen te betalen. Johnsons grootste droom is een eigen telefoon en computer, maar dan moeten ze wel heel zijn. “Mijn probleem is dat ik ze uit elkaar kan halen, maar ik weet niet hoe ik van de resten een nieuwe kan maken,” zegt hij lachend.

    Kinderarbeid is verboden in Pakistan. Toch zijn het kinderen die deze telefoons recyclen.
    Kinderarbeid is verboden in Pakistan. Toch zijn het kinderen die deze telefoons recyclen. Wilma van der Maten

    Elektronische afvalberg

    De elektronische afvalberg  in Pakistan groeit. Maar liefst 50.000 ton aan kapotte telefoons en computers wordt er jaarlijks gedumpt. Daarvan is maar 25% bruikbaar. De rest belandt op vuilnisbelten waar de giftige stoffen de grond en het drinkwater vervuilen.

    Geld

    Wat vinden ze ervan dat ze tussen de afgedankte telefoons en computers van hun leeftijdgenoten uit het westen dit ongezonde werk doen? Ze halen hun schouders op. “Ik help mijn moeder” zegt Johnson. Maar hoeveel verdient hij? “Nog geen euro per dag,” vertelt hij. Ze zijn allemaal ziek. Asif van tien heeft chronische bronchitis.
    Kinderarbeid is volgens de wet verboden in Pakistan. Maar het land neemt het niet zo nauw met die regels. Want het elektronisch afval dat via Europa en Amerika de havenstad Karachi binnenkomt, levert veel geld op. Steeds meer westerse landen die omhoog zitten met hun afgedankte elektronica, weten Pakistan te vinden. Want daar mag ‘alles’.

    Regels

    In het midden van het gesprek met de kinderen komt plotseling hun baas binnen. In zijn gevolg heeft hij een groepje stevige mannen. Wat we hier zonder zijn  toestemming doen, vraagt hij boos. We moeten heel snel wegwezen. De bodyguards kijken ons dreigend aan. De baas beweert dat deze kinderen hem na schooltijd ‘helpen’ en dat hij ze daarna 8.000 Pakistaanse roepies, zeventig euro, meegeeft. Hij liegt.
    Kinderorganisaties zoals Unicef, hebben Pakistan gevraagd om strenge regels voor het verwerken van elektronisch afval op te stellen. Vervolgens moet het land zich daar ook aan houden. De gezondheid van mensen moet voorop staan. En kinderarbeid mag niet. Maar ook in Nederland, en andere landen in het westen, zouden we beter moeten nadenken over hoe we omgaan met onze afgedankte apparaten.

     

    Door: Wilma van der Maten

    In Pakistan werken vooral veel kinderen tussen ons afgedankte elektronisch afval. In donkere kelders zonder ramen, halen ze bruikbare onderdelen uit telefoons en computers. De rest wordt verbrand. De giftige stoffen die daarbij vrijkomen maken kinderen ziek.

    Samsam sprak in 2018 met een van de kinderen die hier werkt.
  • Uren in de rij voor brood in Libanon

    Nieuws

    Plaats als eerste een reactie

    Door de oorlog in Oekraïne is er nu nauwelijks brood te koop in Libanon.
    Rawad Kansoun

    Hassan is het wel gewend dat sommige producten in de winkels te duur en schaars zijn en dat mensen uren in de rij moeten staan voor bijvoorbeeld benzine. Maar dat er nu ook een tekort is aan brood, is wel een groot probleem. "Brood is erg belangrijk in onze cultuur. We eten het bij bijna elke maaltijd. We gebruiken het als een lepel om humus mee te eten." Het Libanese brood ziet er anders uit dan Nederlands brood. Het is plat, rond en een stuk luchtiger van binnen.

    Zelf bakken

    De afgelopen weken is het traditionele brood binnen een half uur uitverkocht. De oorzaak is de oorlog in Oekraïne, waar Libanon normaal gesproken het graan vandaan haalt. Dat komt met schepen over de Zwarte Zee, maar die zit nu potdicht. Hassan en zijn familie hebben wel een oplossing gevonden. In kleine winkeltjes wordt voor veel geld nog wel wat bloem en meel uit Syrië verkocht. Voor bakkers is dat veel te duur. "Mijn moeder bakt daar nu zelf vaak brood van. Of koekjes en muffins." Hassan is heel blij met deze oplossing. "Ik vind het heel gezellig om samen te bakken en de geur van vers brood is huis is erg lekker."

    Door: Eveline Gerritsen

    In Libanon is al sinds 2019 een economische crisis. Veel producten uit het buitenland zijn daardoor onbetaalbaar. Maar nu hebben de Libanezen er nog een probleem bij. Door de oorlog in Oekraïne is er nu ook nauwelijks brood te koop. Hassan (12): "Mijn vader staat uren in de rij, maar komt vaak met lege handen thuis."
  • Thema's vooruitbestellen

    Nieuws over burgerschap

    Thema's 2022/2023

    Alle thema's voor het komende schooljaar zijn vast te bestellen. Een pakket kost € 25,00 inclusief verzendkosten en bestaat uit 30 tijdschriften, de lesinstructie en verwerkingsopdrachten. Het lesmateriaal van Samsam wordt aangeboden op twee niveaus (groep 5/6 en 7/8). 

    15 September 2022          

    Humor

    Digitaal samenleven

    November 2022

    De dood

    Identiteit

    Januari 2023

    Discriminatie

    Diversiteit       

    Maart 2023

    Egypte

    Macht & Inspraak

    Mei 2023

    Veilig              

    Vrijheid & Gelijkheid

    Reeds verschenen nummers van Samsam zijn ook nog steeds te bestellen in onze shop. 

    Voordelen van een abonnement

    Naast thema's los bestellen kun je ook voor de school een abonnement op Samsam afsluiten. Met dit abonnement heb je alles in huis om burgerschap structureel in de klas in te zetten. Een abonnement bestaat uit 10 lessen burgerschap: in de maanden dat Samsam niet verschijnt, ontvang je een digitale les met een startvideo en verwerkingsopdrachten. Met deze tien lessen behandelen we de tien bouwstenen voor burgerschap: vrijheid en gelijkheid, macht en inspraak, democratische cultuur, identiteit, diversiteit, solidariteit, digitaal samenleven, duurzaamheid, globalisering en technologisch burgerschap. 

    Met de lessen burgerschap van Samsam leren kinderen kennis en vaardigheden die ook bij andere vakken van pas komen en die ze aan het denken zet over de maatschappij waarin ze leven en hun rol daarin. Ze leren onder andere over:

    • De democratische rechtsstaat, culturen en duurzaamheid 
    • Omgaan met diversiteit en het herkennen van eigen vooroordelen
    • Verplaatsen in een ander en het zoeken naar verbindingen 
    • Verantwoordelijkheid nemen voor de eigen omgeving
    • Luisteren, discussiëren en samenwerken

    Naast de maandelijkse lessen, heb je met een abonnement ook toegang tot het archief van Samsam, met maar liefst 60 lessen om uit te kiezen.

    Samsam Ruzie
    Wil je het komende schooljaar thematisch aan de slag met Samsam? Bestel dan de themanummers van Samsam vooruit.
  • Informatie over vluchtelingen

    Informatie

    Plaats als eerste een reactie

    Veel vluchtelingen wagen hun leven op een gammel bootje.
    Shutterstock

    Waarom vluchten mensen?

    Veel vluchtelingen in Europa komen uit Syrië, Nigeria of Iran. Landen waar het niet veilig is. Sinds Rusland in februari 2022 Oekraïne binnenviel, zijn daar al ruim 4 miljoen mensen op de vlucht geslagen. Ongeveer de helft van hen wordt opgevangen in Polen.  

    Hoeveel vluchtelingen zijn er?

    Wereldwijd waren er eind 2020 in totaal meer dan 80 miljoen mensen wereldwijd op de vlucht. Nooit eerder telde de VN-vluchtelingenorganisatie zoveel vluchtelingen. Meer dan de helft van deze vluchtelingen bleven in hun eigen land. Die heten ook wel 'binnenlands ontheemden'. De rest zocht een veilige woonplek buiten de grenzen. Het aantal vluchtelingen dat in Europa aankomt, is minder geworden. 

    Bijna de helft van alle vluchtelingen is onder de 18 jaar. Hoe komt dat?

    - vluchtelingen die ergens in een stad of in een vluchtelingenkamp worden opgevangen krijgen kinderen. Die worden dan als vluchteling geboren
    - ze komen met hun familie mee
    - ze (meestal jongens) zijn gevlucht uit een militair trainingskamp, het leger of de gevangenis of omdat ze bang waren dat ze daar terecht zouden komen
    – ze (meestal meisjes) zijn in een oorlogssituatie door rebellen vastgehouden en misbruikt
    – hun ouders zijn politiek actief en daardoor is het voor hun kinderen niet veilig. Die kunnen bijvoorbeeld ontvoerd worden
    – ze (meestal meisjes) zijn uitgehuwelijkt of bang om te moeten trouwen met iemand met wie ze niet willen trouwen
    – niemand kon meer voor hem/haar zorgen omdat ouders en familie zijn gestorven (bijvoorbeeld tijdens oorlog)

    Waar worden de meeste vluchtelingen opgevangen?

    Bijna 9 van de 10 vluchtelingen wordt opgevangen door buurlanden.

    De vijf landen die de meeste vluchtelingen opvangen:

    • Turkije (3,7 miljoen)
    • Colombia (1,7 miljoen)
    • Pakistan (1,4 miljoen)
    • Oeganda (1,4 miljoen)
    • Duitsland (1,2 miljoen)

    De meeste vluchtelingen komen al jaren uit vijf landen:
    * Syrië (6,7 miljoen)
    * Venezuela (4 miljoen)
    * Afghanistan (2,6 miljoen)
    * Zuid-Soedan (2,2 miljoen)
    * Myanmar (1,1 miljoen). 

    Slechts 1,1 miljoen vluchtelingen hebben asiel aangevraagd in westerse landen. Het aantal vluchtelingen is gestegen sinds 2019 en 1 procent van de wereldbevolking is op de vlucht voor geweld of vervolging.

    Mensensmokkel

    Vluchtelingen die illegaal een grens oversteken, betalen daarvoor vaak duizenden euro’s aan mensensmokkelaars. Dit betekent dat alleen mensen die dit geld bij elkaar krijgen kunnen vluchten. De allerarmste mensen blijven dus vaak achter.

    Mensen vluchten voor oorlog, armoede of omdat ze gevaar lopen vanwege hun geloof, eigen mening of seksuele geaardheid. Wereldwijd waren er eind 2020 in totaal meer dan 80 miljoen mensen wereldwijd op de vlucht. Nooit eerder telde de VN-vluchtelingenorganisatie zoveel vluchtelingen.
  • Terug naar Oekraïne

    Interview

    Plaats als eerste een reactie

    Alisa en haar familie vluchtte uit Oekraïne, maar keerde weer terug.

    Alisa (helemaal rechts op de foto bovenaan dit stuk) komt uit Smila, een klein dorpje in het midden van Oekraïne. Twee maanden geleden vluchtte ze, samen met haar broers en moeder, het land uit. "Mijn vader bleef thuis. Hij wilde vechten voor het leger, zodat wij in een vreedzaam land kunnen opgroeien." Na drie dagen reizen kwamen ze aan in Nederland. "Eerst leek het net vakantie", vertelt Alisa. "Behalve dat mijn moeder erg nerveus was."

    Friese familie

    Alisa en haar broers kregen onderdak bij een Friese familie. "Ik vond ze heel leuk. Maar toch voelde het niet als thuis. Mijn vrienden waren er niet. Wel kon ik 's ochtends mijn Oekraïense lessen volgen, via internet. 's Middags keek ik meestal filmpjes op de telefoon."

    Huilen

    Alisa miste eigenlijk alles van thuis. "Er waren geen vrienden met wie ik kon gaan wandelen. Ik kan geen Nederlands, dus daardoor kon ik moeilijk contact maken met Nederlandse meisjes." De beslissing om echt terug te gaan, was voor Alisa makkelijk gemaakt. "Toen mijn moeder het aan mij en mijn broers vroeg, zeiden we allemaal meteen ja." En dus pakten ze hun spullen en namen ze afscheid van hun gastgezin. "De reis naar huis was zwaar en lang. Toen we aankwamen en mijn vader weer zagen, moesten mijn moeder en ik allebei huilen."

    Opa en oma

    Alisa's woonplaats is niet getroffen door de oorlog. "Eigenlijk gaat het gewone leven hier door. Mensen zijn aan het werk en maken er het beste van om Oekraïne levend te houden." Ondanks dat de oorlog niet voorbij is, is Alisa blij om terug te zijn. "Ik zie hier vrienden als er geen luchtalarm is. Ik kan mijn opa en oma bezoeken. Hier ben ik gewend. Dit is mijn thuis, mijn land."

    De oorlog in Oekraïne is nog niet voorbij, maar toch gaan steeds meer Oekraïners weer terug naar hun land. Ook Alisa (12) reisde terug naar haar eigen huis. "Dit is mijn thuis."
  • Andy leert gebaren op een tablet

    Reportage
    In Guatemala spreken lang niet alle dove mensen gebarentaal. Maar Andy (12) leert de nieuwste gebaren via filmpjes op een tablet.
    Ilse von Quednow

    Op een heuvel staan vier huizen, verscholen tussen dor en dicht struikgewas en lange, dunne bomen. De wind laat de bladeren ritselen en er loeit een koe. Maar Andy hoort deze geluiden niet. Hij is doof geboren, als enige in zijn familie. Niemand weet waardoor hij niet kan horen. Maar in zijn provincie komt opvallend veel meer doofheid voor dan op andere plaatsen in het land. Er is alleen geen geld en geen kennis om uit te zoeken waardoor dit komt.

    Andy woont hier met zijn moeder in een van de vier huizen, zijn grootouders wonen naast hen, in het derde huis woont een tante en drie neefjes en nichtjes. Het vierde gebouw is de keuken die zedelen. Zijn moeder is aan het werk in een winkel, vertelt Andy in gebaren, via een gebarentolk. Ze is eigenlijk lerares, maar kan nergens werk vinden. Andy doet graag klusjes in en rond de huizen. Hij veegt de vloer en verzorgt de kuikens, eenden en kalkoenen.

    Andy met kuikens (kip en kalkoen).
    Andy met kuikens (kip en kalkoen). Ilse von Quednow
    Oma, opa, Andy en oom (van links naar rechts) net buiten de keuken
    Oma, opa, Andy en oom (van links naar rechts) net buiten de keuken Ilse von Quednow

    Gebarenjuf

    Andy verveelt zich eigenlijk nooit. Hij kijkt graag tv of voetbalt met z’n vrienden. En: elk moment kan zijn gebarenjuf Nancy komen, om via haar laptop en een usbstick wat nieuwe filmpjes met nieuwe gebaren op zijn tablet te zetten. Dat deed ze de afgelopen twee jaar zo elke maand. Nancy werkt voor een organisatie die mensen met een beperking helpt en ze geven dus onder andere les in gebarentaal. Deze organisatie werkt samen met het Liliane Fonds in Nederland dat kinderen met een handicap in arme gebieden helpt. “Voordat ik gebarentaal leerde, gebruikte ik zelfbedachte gebaren”, vertelt Andy. Zowel om met familie, vrienden als klasgenoten te praten. Die kunnen allemaal wel horen en hij ging tot twee jaar geleden alleen naar een gewone school, zo’n uur lopen van huis. “Ik loop altijd samen met iemand, ze vinden het gevaarlijk als ik alleen zou gaan omdat ik het verkeer niet hoor.” Niet dat het nou heel druk is op de straten en wegen, maar toch. “Ik kon de meester alleen begrijpen, als hij op het bord schreef. En dan schreef ik het over in mijn schrift. Soms moest ik in het schrift van andere kinderen kijken en het van hen overschrijven.” Dit was niet altijd makkelijk voor hem en hij voelde zich soms wat alleen. Maar dat is nu veranderd.

    Dove kinderen

    Vlak voor de coronapandemie uitbrak, begon Andy met lessen bij de organisatie. Daar leerde hij zo’n veertig andere dove kinderen kennen. Het was voor het eerst dat hij andere doven ontmoette. En daardoor voelde hij zich meer onderdeel van een groep, met dus ook een eigen taal. Die van de gebaren. Andy wist natuurlijk wel dat gebarentaal bestond, want hij zag gebarentolken tijdens het nieuws en berichten van de regering op tv. Alleen begreep hij die nooit. Nu hij zelf ook de gebarentaal in de vingers krijgt, is hij veel opgewekter en minder verlegen. Het was wel even slikken dat de organisatie door de coronamaatregelen sloot en de lessen stopten. Maar gelukkig bedachten ze er iets op. “Ik kreeg een tablet van de organisatie waar gebarenjuf Nancy bij ieder van ons thuis steeds nieuwe filmpjes met gebaren op zette.” Zo kon hij toch verder oefenen. “Mijn moeder probeert het nu ook te leren door samen de video’s te bekijken.” De tablet is een van de weinige apparaten in huis die op stroom werkt. Ze hebben wel een tv en een koelkast. “Maar de stroom valt vaak uit. Gisteren hadden we bijvoorbeeld drie uur achter elkaar helemaal geen stroom.” Er is wel 4G, maar dat werkt niet altijd en overal even goed. Vandaar dat de gebarenlessen niet online konden of worden gestuurd via de mail.

    In de provincie waar Andy woont, zijn ongeveer negenhonderd dove mensen. Nog geen honderd van hen leren gebarentaal. De meeste families in de dorpen hebben geen geld voor dit speciale onderwijs of om naar het dorp te reizen. Of familieleden zijn bang dat hun dove kind het niet kan. Soms schaamt de familie zich voor hun kind met een beperking. Ze willen hun dove kind het liefst verbergen, omdat ze geloven dat het een straf van God is dat ze een doof kind hebben gekregen. Maar daar heeft Andy geen last van. “Ik wil graag leraar gebarentaal of boekhouder worden”, droomt Andy. Of dat gaat lukken, wordt spannend. Er is geen school of universiteit in de buurt waar hij kan verder studeren met een gebarentolk. Maar tot die tijd probeert hij zoveel mogelijk van Nancy te leren. Vandaag staat op het lesprogramma: het volkslied van Guatemala. “Nu kan ik eindelijk meedoen als m’n klasgenoten het volkslied zingen tijdens het hijsen van de vlag.”

    Juf Nancy en Andy leren de nationale hymne van Guatemala in gebarentaal via een video op de tablet.
    Juf Nancy en Andy leren de nationale hymne van Guatemala in gebarentaal via een video op de tablet. Ilse von Quednow
    In Guatemala spreken lang niet alle dove mensen gebarentaal. Maar Andy (12) leert de nieuwste gebaren via filmpjes op een tablet. ‘’Daardoor ben ik nu minder verlegen.’’
  • 3D protheses printen in Sierra Leone

    Reportage

    Plaats als eerste een reactie

    "Mijn vader print armen en benen", vertelt Mbalu uit Sierra Leone.
    Marnel Breure

    Tussen de hoge bomen van het stadje Masanga in het midden van Sierra Leone staan een stuk of vijftien losse gebouwen: het ziekenhuis. Er speelt een radio, er klinken opgewekte stemmen en over drooglijnen hangen bontgekleurde kleren. Het is hier heel gewoon dat een familielid meekomt met de patiënt. Voor de gezelligheid, maar ook om te helpen met verzorgen, wassen en koken. Tijdens de burgeroorlog werd het ziekenhuis vernield door rebellen die de macht van de regering wilden overnemen.
    In 2006 zijn de gebouwen met geld uit Europa herbouwd en er werken nu veel Deense, Britse en Nederlandse artsen samen met Sierra Leoonse werknemers. De Europese artsen leiden ook medische studenten en ander personeel uit de buurt op. In Sierra Leone wonen 7,5 miljoen mensen en er zijn nu slechts 245 Sierra Leoonse artsen.

    Technische apparaten

    Dit ziekenhuis heeft veel meer technische apparaten dan een gemiddeld Afrikaans ziekenhuis op het platteland. Er is een röntgenapparaat, een echoapparaat, en er is een 3D printer. “Daar print mijn vader nieuwe armen en benen mee”, vertelt Mbalu trots. “Vandaag ga ik voor het eerst kijken hoe hij dat doet.”Een paar jaar geleden lag ze zelf in het ziekenhuis. Door een ernstige vorm van malaria kreeg ze bloedarmoede. “Omdat ik heel zwak was, doneerde mijn vader toen zijn eigen bloed,” vertelt Mbalu. “Ik wil later verpleegkundige worden. Dan kan ik mensen helpen die ziek zijn en geld verdienen voor mijn familie.”

    Het ziekenhuis in het dorp van Mbalu uit Sierra Leone heeft veel meer technologische apparaten dan het gemiddelde ziekenhuis op het Afrikaanse platteland.
    Dit ziekenhuis heeft veel technische apparaten. Marnel Breure
    Mbalu woont met haar grote familie in een dorpje in Sierra Leone.
    Mbalu woont met haar grote familie in een dorpje in Sierra Leone. Marnel Breure

    Medische hulp

    Op het ziekenhuisterrein komen Mbalu en haar vader een jongen op krukken tegen: de 23-jarige Samba. Hij vertelt dat hij zich door een val zo bezeerde, dat het onderste deel van zijn linkerbeen niet meer te redden was. Daarom moest het been geamputeerd worden. De chirurgen in dit ziekenhuis voeren jaarlijks veel amputaties uit. Vijftig van de honderdtwintig ziekenhuisbedden zijn voor patiënten van de afdeling chirurgie. In tien van die vijftig bedden ligt iemand die een amputatie heeft ondergaan. Vanuit de wijde omtrek worden patiënten voor dit soort operaties naar Masanga  gestuurd. Dat amputaties in Sierra Leone zoveel voorkomen, komt vaak doordat medische hulp voor veel mensen te duur is. Gewonden wachten vaak veel te lang voor ze zich bij het ziekenhuis melden. Het is dan niet meer mogelijk om het been of de arm nog te redden. Dit was ook zo bij Samba. Nadat de amputatiewond genezen was, kreeg hij een prothese waar hij nog flink mee moet oefenen om opnieuw te leren lopen.

    Precies op maat

    Aan de prothese ligt het niet, die is heel precies op maat gemaakt. Dat is een van de voordelen van een 3D scanner. Die brengt eerst het overgebleven deel van een arm of been heel secuur in beeld. Die afbeelding verschijnt op een laptop, een speciaal softwareprogramma ontwerpt de prothese en geeft de printer opdracht het ontbrekende deel van het lichaam te 3D printen, dat wordt dan de prothese. Er komt geen inkt, maar plastic uit de printer. Een ander voordeel is dat deze prothese exact dezelfde kleur krijgt als de huid van de patiënt.
    Mbalu laat zich op de stoel voor de laptop op een wiebelige tafel zakken. “Op school hebben we geen computers. En thuis ook niet. Mijn vader heeft daar geen geld voor.” Als het paneel van de printer is ingesteld, drukt Mbalu op de startknop. In het dorp is geen stroom, daarom wordt de elektriciteit in het ziekenhuis voor een groot deel geleverd door zonnepanelen, de rest wordt opgewekt door een dieselgenerator.

    Mbalu uit Sierra Leone zit voor het eerst achter een laptop op het werk van haar vader in een ziekenhuis in Sierra Leone.
    Voor het eerst zit Mbalu achter een laptop. Marnel Breure
    De vader van Mbalu uit Sierra Leone laat zien hoe een 3D printer voor protheses werkt.
    In deze 3D printer zit geen inkt, maar plastic. Marnel Breure

    Protheses

    Het plan voor de 3D printer in dit ziekenhuis is vijf jaar geleden bedacht door een chirurg in opleiding en een student Technische Geneeskunde, allebei uit Nederland. Zij kwamen erachter dat in Sierra Leone veel mensen ledematen missen door de burgeroorlog, verkeersongelukken of aangeboren afwijkingen. Mensen met een beperking worden hier vaak als minderwaardig gezien. Er is veel schaamte en daardoor is het voor hen extra moeilijk om geld te verdienen buiten de deur. Met een prothese worden ze minder aangestaard of buitengesloten. Ze dragen de protheses daarom het meest naar school, kantoor, de kerk of andere openbare gelegenheden.

    Fysiotherapie

    Terwijl de printer geruisloos z’n werk doet, gaat Mbalu met Samba mee naar de ruimte voor fysiotherapie. Hier staan allerlei oefentoestellen. Samba heeft met hulp van Mbalu’s vader zijn kunstbeen omgedaan en gaat aan de slag op de loopbrug en de hometrainer. Voor de gezelligheid trapt Mbalu een stukje met hem mee: “Die hometrainer is hartstikke leuk!” Na anderhalf uur is de printer klaar. Mbalu en haar vader halen het eindproduct eruit: twee zwarte ovalen plastic voorwerpen. Vader Osman moet er nog wat aan schuren en schaven, daarna kunnen ze gebruikt worden in een armprothese voor een andere patiënt.
    Een kunstarm die op de ouderwetse manier wordt gemaakt, kost veel tijd om te maken, is erg duur en de materialen zijn schaars. Daar komt nog bij dat ze vaak een haak hebben en dus helemaal niet op een hand lijken. Met een 3D printer is de prijs vijfentwintig euro. Voor veel mensen is dat nog heel duur, want gemiddeld verdienen ze nog geen euro per dag. Mbalu: “Mijn vader doet heel goed werk. Door de printer kunnen arme mensen ook een prothese betalen.”

    Door de techniek van 3D printen zijn protheses ook voor arme mensen in Sierra Leone betaalbaar.
    "Door de 3D printer kunnen arme mensen ook een prothese betalen", vertelt Mbalu. Marnel Breure
    Het is heel bijzonder dat er in een ziekenhuis op het platteland van Sierra Leone een 3D printer staat. De vader van Mbalu (10) werkt ermee. "Nu kunnen ook arme mensen een prothese betalen."
  • Klopt de naam Suikerfeest eigenlijk wel?

    Informatie

    Plaats als eerste een reactie

    Adil uit Haarlem viert Suikerfeest. Eerst ging hij naar de moskee, nu staat het ontbijt klaar.
    still uit filmpje

    1. Over welk feest gaat het?

    Tijdens de ramadan eten en drinken moslims een hele maand niet, van zonsopgang tot zonsondergang. Door te vasten zuiveren ze hun lichaam en staan ze stil bij mensen die geen eten of drinken hebben. Ook zijn ze in deze periode nog serieuzer bezig met hun geloof. Ook best veel kinderen doen hier aan mee. Aan het eind van deze vastenmaand is er een groot feest, waarmee ze het vasten afsluiten. Dat wordt in Nederland vaak het Suikerfeest genoemd.

    2. Maar daar is dus niet iedereen blij mee?

    Dat klopt. Een groep moslims wil af van die naam. De term 'Suikerfeest' legt volgens hen te veel nadruk op het eten van zoetigheid zoals koekjes. En ja, ook dat doen moslims tijdens het feest, maar dat is lang niet het enige. Moslims bidden en ontbijten 's ochtends uitgebreid samen, dragen hun mooiste (vaak nieuwe) outfits en gaan op familiebezoek. Ook geven ze geld aan goede doelen en cadeautjes aan de kinderen. Deze feestelijke dag het Suikerfeest noemen, vinden sommige moslims hetzelfde als kerst het 'kalkoenfeest' of 'bomenfeest' noemen.

    3. Wat is dan een betere optie?

    Niet alle moslims vinden de naam Suikerfeest storend. Maar degenen die dat wel doen, kiezen liever voor het Eid-al-Fitr-feest (Arabisch voor 'het feest van het verbreken van het vasten') of het ramadanfeest.

    4. Waar komt de naam Suikerfeest dan vandaan?

    De term is lang geleden letterlijk vertaald vanuit het Turkse 'şeker bayrami'. En dát is volgens sommige deskundigen weer een soort misverstand. Want eigenlijk zou de originele Turkse naam voor het feest ‘şükür bayrami' zijn ('feest van dankbaarheid'). Door een leesfout van het oude Turkse geschrift zou dat in de loop van de tijd verbasterd zijn tot ‘şeker’ (suiker). 

    Bekijk ook het filmpje van Adil tijdens Eid il Fitr.
    Aan het eind van de vastenmaand ramadan vieren moslims een groot feest. In Nederland wordt dat het Suikerfeest genoemd. Maar met die naam zijn lang niet alle moslims blij. Vier vragen en antwoorden.
  • Vluchten voor de droogte in Somalië

    Interview

    Plaats als eerste een reactie

    Shukri vluchtte voor de droogte in Somalië naar een kamp in de hoop op voedselhulp.
    Joost Bastmeijer

    Vluchtelingenkamp

    “Mijn vader en broers waren herders en zochten wat te grazen voor ons vee”, vertelt Shukri. “Mijn zussen en ik werkten in de tuin.” Maar al drie regenseizoenen viel er nauwelijks een druppel. Het land was in de afgelopen veertig jaar niet eerder zo droog. “Er groeiden geen gewassen meer en onze dieren stierven omdat er niets te eten was.” Het gezin raakte in geldproblemen en besloot te vluchten, naar een opvangkamp zo’n zestig kilometer verderop, ook in het zuiden van het land waar de droogte het ergst is. “Dat was drie dagen lopen. We konden alleen de spullen meenemen die we zelf konden dragen.” Het was een tocht door gevaarlijk gebied waar een gewelddadige organisatie het voor het zeggen heeft. Daardoor is het moeilijk te zeggen hoeveel kampen en hoeveel vluchtelingen hier precies zijn.

    Oorlog in Oekraïne

    Wel is bekend dat in het afgelopen half jaar in totaal ruim een half miljoen mensen huis en haard verlieten. Zij wonen, net als Shukri nu, in kleine koepelvormige tenten van takken, zeil en doek. Internationale hulporganisaties zorgen in deze kampen voor voedsel en onderwijs. Maar door de oorlog in Oekraïne waar veel van het geïmporteerde voedsel vandaan komt, dreigen er tekorten en de prijs voor graan is al verdubbeld.

    Klimaatverandering

    Shukri weet dat klimaatverandering de problemen veroorzaakt. “Somaliërs kappen veel bomen, zonder nieuwe te planten. Dan wordt het steeds warmer en het land verandert in een woestijn. Maar klimaatverandering komt ook door vieze auto’s en fabrieken in de rest van de wereld. Ik vind het heel oneerlijk dat wij de prijs betalen voor iets dat we niet hebben veroorzaakt. Kinderen moeten helpen geld verdienen. Het idee is dat meisjes jong trouwen zodat hun familie een bruidsschat krijgt. Dat moet echt veranderen. Hier in het kamp ga ik gelukkig wel naar school.”  

    Door: Joost Bastmeijer. Dit verhaal stond ook in Kidsweek

    Het is enorm droog in Somalië. Koeien en geiten sterven en mensen vluchten naar opvangkampen in de hoop op voedselhulp. Ook Shukri (14) woont nu in een tent van takken, zeil en doek. "Gelukkig ga ik hier wel naar school."