Bang voor het vuur

banner

Aardoliejanuari 2012

Bang voor het vuur

Samuel (11) woont vlakbij een vuur dat altijd brandt. Het maakt de mensen in zijn dorp ziek, zegt hij.

“Twee dagen geleden beefde de aarde,” zegt Samuel. “Ik hoorde een hoog geluid: oeoeoeoeoeoeohh. Ik was bang. “Is dat een
aardbeving?”, vroeg ik mijn vader. “Nee hoor”, zei hij, “Dat is de gasvlam, er zal wel een grote uitbarsting zijn.”

Meters hoog

Vlakbij Iwhrekan, het dorp van Samuel, verbrandt Shell gas dat vrijkomt bij de oliewinning. De vlammen branden al jaren, dag en nacht. Af en toe - soms twee keer per week, soms een keer per maand - is er een ‘gasoverstroming’. Dan spuit het vuur plotseling meters hoger de lucht in dan normaal. “Dat gebeurde eergisteren,” zegt Samuel.

Prince laat zien hoe je rubbersap uit een rubberboom haalt. Vroeger maakten ze autobanden van rubber. Tegenwoordig gebruiken ze daarvoor ook andere kunststof, gemaakt van ... aardolie.
Prince laat zien hoe je rubber sap uit een rubberboom haalt. Vroeger maakten ze autobanden van rubber. Tegenwoordig gebruiken ze daarvoor ook andere kunststof, gemaakt van ... aardolie.

Hoesten

Samuel heeft last van de rook en de dampen die het vuur verspreidt. "Ik hoest veel en slaap ook slecht. De daken van onze huizen zijn zwart van het roet. En mijn vader, die bij de gasvlam werkt als bewaker, heeft rode uitslag op zijn huid als hij een lange
dienst heeft gedraaid.”

Tegen het bloeden

Als het gaat schemeren, wijzen Samuel en zijn broertje Prince de weg. Eerst kom je langs tuintjes met cassaves en rubberbomen. “De oogst levert weinig op, door de vervuiling en de hitte,” zegt Samuel. Onderweg wijst hij op een geneeskrachtige plant. “Als je de blaadjes op een wond legt, stopt het bloeden.” De dorpelingen noemen het Shellblaadjes. De planten verschenen namelijk waar bomen gekapt waren die ruimte moesten maken voor de pijpleiding en de gasvlam.

Vieze rook

Waar aardolie in de grond zit, vind je bijna altijd ook gas.
Soms wordt dat opgevangen en verkocht als aardgas. Op
andere plekken is opvangen te duur of te ingewikkeld, vinden
oliebedrijven. Om zonder gevaar voor explosies toch olie te kunnen
blijven winnen, laten ze het gas ontsnappen. Dan gaat de vlam
erin. Dat heet affakkelen. De rookwolken vervuilen de
lucht. Ze vormen een ‘deken’ rond de aarde. Omdat de warmte
van de zon niet meer door deze ‘deken’ terug de ruimte in kan,
stijgt de temperatuur op de aarde. Dat heet klimaatverandering.

Overval

Vroeger droogden dorpelingen cassave (een knolgewas, net als aardappel) in de buurt van de vlam. Maar toen kwamen rebellen in opstand tegen de regering. Ze vonden het oneerlijk dat de regering en de oliebedrijven veel geld verdienen met olie, terwijl de mensen in het gebied waar de olie vandaan komt arm blijven. Sinds gewapende
rebellen de werknemers bij de gasvlam overvielen, wordt de plek streng bewaakt door het leger. Ook nu er vrede is.

De vlam lijkt klein maar is meters hoog
De vlam lijkt klein maar is meters hoog.

Samuel groet Chief Dozen Ogbariemu (91), de oudste man van het dorp
Samuel groet Chief Dozen Ogbariemu (91), de oudste man van het dorp

Bang

Vlakbij de vlam stopt Samuel. “Ik ben altijd bang  voor het vuur,” zegt hij. Toch probeert hij dichterbij te komen, voorzichtig kijkend of er geen bewakers aankomen. “Daar is de vlam,” fluistert hij. Zachtjes
ruist het vuur. De vlam is drie, vier meter hoog, ietsje lager dan normaal. De hitte is voelbaar. Later gaat Samuel naar Chief Dozen (91). “Waar nu het gas brandt, konden we vroeger jagen en
vissen,” vertelt het dorpshoofd. “Nu kan dat niet meer. En ik hoest al jaren. Het wordt tijd dat Shell de vlam dooft.”

In het kort:

• Bij aardolie zit gas
• Gas kan je opvangen of affakkelen
• Affakkelen vervuilt de lucht