Overslaan en naar de inhoud gaan
Reportage

Osman vluchtte voor zijn veiligheid uit China

Een paar kilometer buiten Istanbul woont Osman (12) in een internaat, samen met nog zo’n negentig andere kinderen uit China. Ze zijn allemaal Oeigoers en vluchtten naar Turkije voor hun veiligheid.
Osman woont in een internaat voor Oeigoerse kinderen omdat het in China gevaarlijk was.
Ingrid Woudwijk

In het ene gebouw wonen de meisjes, het andere gebouw is voor de jongens. De slaapkamers lijken allemaal op elkaar: een stapelbed, iedereen hetzelfde dekbedovertrek en geen knuffels of posters op de muren. Op de grond ligt een traditioneel Turks tapijt. Dit internaat is thuis voor Osman en veel andere Oeigoerse kinderen. Ook al is hij hier zonder zijn ouders, hij voelt zich in elk geval veilig.
In de provincie Xinjiang in China wonen ongeveer 12 miljoen Oeigoeren, een volk met een eigen cultuur, taal, islamitisch geloof en vlag. Osman legt uit: “Wij willen onze eigen staat. Het gebied waar wij geboren zijn, noemen wij Oost­Turkestan, geen China.” Aan de buitenkant lijken Oeigoeren op Chinezen en de Chinese regering wil dat ze doen en denken als de meerderheid in het land. Zij onderdrukken en discrimineren de Oeigoeren al jaren. Zo vernielen ze moskeeën en is het dragen van een hoofddoek verboden. Het volk verzet zich hier steeds meer tegen. Zij zijn juist trots op hun tradities en willen zichzelf kunnen zijn. China is ook zo streng voor de Oeigoeren omdat ze hopen dat andere minderheden niet in opstand komen.

In het internaat voor Oeigoerse kinderen in Turkije wordt Oeigoers gekookt.
Osman woont zonder zijn ouders in Turkije. Ingrid Woudwijk
Osman woont in een internaat voor Oeigoerse kinderen.
Osman: "Ik vind Oeigoerse rijst lekkerder dan Turkse." Ingrid Woudwijk

Protesten

Als sinds de regio Xinjiang bij China hoort, zijn er spanningen tussen de Oeigoeren en de Chinezen. Protesten van de Oeigoeren zijn door de Chinese regering met geweld gestopt. Sinds 2017 zijn veel Oeigoeren door de regering opgepakt, omdat ze tóch een hoofddoek droegen of op vakantie waren geweest naar het buitenland. Deze Oeigoeren zijn naar afgelegen kampen op het platteland gebracht waar ze volgens China worden ‘heropgevoed’. Ze moeten hier Mandarijn spreken en de Chinese cultuur leren. Maar eigenlijk is het meer een gevangenis. De Oeigoeren mogen niet naar buiten of bellen met familie. De ouders van Osman zitten ook in zo’n kamp. “Mijn vader was imam in een grote moskee in de stad waar ik geboren ben. Op een dag kwam de politie bij ons thuis, ze deden mijn moeder handboeien om en namen haar mee. Mijn broer ging nog achter haar aan maar de politie deed hem toen heel veel pijn. Ik had mezelf op het dak verstopt”, herinnert Osman zich. Toen ze ook zijn vader oppakten, bracht familie hem en zijn broer naar het vliegveld en zo belandden ze in Turkije in het internaat. Anders waren ze waarschijnlijk in een Chinees weeshuis terechtgekomen en dat wilde de familie voorkomen. Osman kan zich niet herinneren wanneer hij voor het laatst contact heeft gehad met zijn ouders. “Ik weet niet hoe het met mijn ouders gaat. Hun telefoon doet het niet meer en ik weet ook niet of de moskee van mijn vader nog bestaat.” In het kluisje op zijn kamer zitten vooral schoolspullen. Hij heeft geen foto’s of andere spullen die aan zijn ouders doen denken.

Tijdens het hijsen van de vlag zingen de leerlingen het Oeigoers volkslied.
De leerlingen zingen het Oeigoers volkslied. Ingrid Woudwijk
De Oeigoerse jongens en de meisjes slapen in verschillende gebouwen.
De jongens en de meisjes slapen in verschillende gebouwen. Ingrid Woudwijk

Opvang

Het internaat is niet de enige plek in Turkije waar Oeigoeren worden opgevangen. Er wonen nu zo’n 50.000 Oeigoeren in het land. Turkije is islamitisch n wil andere moslims graag beschermen. Maar de machthebbers van China en Turkije kregen de afgelopen jaren een steeds betere relatie. Sommige Oeigoeren zijn nu bang dat China wil dat Turkije hen zal terugsturen. Osman lijkt zich daarover nog niet zoveel zorgen te maken en ziet vooral overeenkomsten met de Turken. “Onze taal lijkt best op elkaar en we vieren dezelfde feestdagen. Alleen vierden we thuis het Offerfeest veel groter, met meer dansen.” Doordeweeks gaan de kinderen naar een Turkse school in de buurt, maar vandaag is het zaterdag en krijgen ze les in het Oeigoers. De dag begint altijd met een vlaggen­ceremonie. Iedereen staat netjes in een rij op het schoolplein en zingt het Oeigoerse volkslied. Ondertussen hijsen twee kinderen de vlag. Op het plein komen alle kinderen samen, maar de oudere jongens hebben apart les van de meisjes. Later in het klaslokaal schrijft de juf een spreekwoord op het bord en moeten de leerlingen raden wat het betekent. Verder lezen ze boeken en gedichten in het Oeigoers. In de kelder van de school is een kantine met een hele grote keuken. Een paar oudere Oeigoerse vrouwen maken lunch. In hele grote pannen bakken ze vlees met paprika en tomaten. Osman vindt het heel lekker. Hij schraapt met zijn handen het laatste beetje rijst van het bord. “Onze rijst is geel en we eten het met wortels, heel lekker. Van Turks eten houd ik niet zo. Gelukkig wordt er hier altijd Oeigoers gekookt.” Osman heeft vrienden in het internaat, maar ook Turkse vrienden van school. Samen gaan ze voetballen of buitenspelen. Ook al is het leven voor Osman nu veilig, hij vindt niet alles leuk in Turkije. Soms noemen mensen hem Chinees, omdat hij er Chinees uitziet en in China is geboren. Juist vanwege de onderdrukking in China, is dat extra pijnlijk voor hem. Maar Osman houdt dan maar gewoon z’n mond en gaat tekenen. “Dat heb ik van mijn broer geleerd. Als ik teken, dan vergeet ik alles om me heen.”

Plaats als eerste een reactie