Overslaan en naar de inhoud gaan
Reportage

Moppen tappen

De meeste leerlingen van groep vijf van de Oscar Carré school in Amsterdam hebben wel een moppenboekje thuis. Op een van de laatste schooldagen voor de zomervakantie vertellen Claudio en z’n beste vriend Jasper (allebei 8)moppen op het talentenpodium.
Claudio en zijn beste vriend zijn moppentappers.
Anke Teunissen

Op zijn tafel ligt een papiertje: het spiekbrie e van Claudio voor straks. Jasper heeft z’n moppenboekje voor het gemak in z’n schooltas meegenomen. Met hun gezicht zoveel mogelijk in de plooi verklappen de twee vrienden alvast welke moppen ze straks gaan voorlezen. Ze zijn best zenuwachtig, want ook al zijn ze échte moppentappers: het is de eerste keer op een podium met een microfoon. Claudio: “Moppen zijn gewoon leuk, omdat ze je aan het lachen maken. En als je zelf een mop verzint en andere kinderen vertellen die door, dan komt jouw mop misschien ooit ook wel in een moppenboek.” Niet dat ze zelf al eens een mop bedacht hebben. “Dat is best moeilijk”, vindt Claudio. Maar de leukste moppen gaan over dieren. Daar is iedereen het over eens.

Van grap naar ruzie

Hoe dan ook kan humor moeilijk zijn. “Een grapje kan snel veranderen in ruzie. Veel jongens mixen pesten en grapjes. Dan zeggen ze bijvoorbeeld: ‘ik ben slimmer dan jij’.” Jasper vult zijn vriend aan: “Dat kan ook gevaarlijk zijn, want je kunt iemand dan snel kwetsen. En als iemand je duwt en die zegt dan dat het voor de grap was, dan kan het vechten worden.” Ze vinden dat jongens en meisjes andere dingen grappig vinden. Maar daar zijn hun klasgenoten Rosalie (9), Fien (9), Hermien (9) en Selma (8) het niet helemaal mee eens. “Als jongens gekke bekken trekken of moppen vertellen, vinden wij dat ook wel grappig.” Behalve als jongens dat alleen maar doen om leuk gevonden te worden. En als jongens achter de meiden aangaan. “Dat vinden zij dan heel grappig, maar de meisjes juist weer niet”, vertelt Rosalie. In het klaslokaal moet wel tijd zijn voor grapjes, vinden ze. Claudio: “Op school lachen is goed, want daar word je vrolijk van.” Jasper: “En als je vrolijk bent, kun je beter dingen onthouden. Als het saai is, dan dwalen je gedachten af en staar je maar wat voor je uit.” De juf vinden ze het allergrappigst als ze een foutje maakt.

Onaardig

Afspraken over welke grapjes wel en welke niet mogen, zijn er niet. “Maar als iemand iets onaardigs zegt, en vervolgens doet alsof het een grapje was. Dan zegt de juf wel dat dit soort grapjes gewoon niet leuk zijn”, vertelt Rosalie. Fien: “Dat gebeurt wel eens, als iemand zegt dat je lelijke schoenen hebt. En als ik dat dan tegen de juf vertel, dan zegt diegene dat ie het niet meende. Grapjes kunnen ook best eens pijn doen.” Selma: “Daarom moet je ook geen grapjes over ernstige ziektes als kanker maken, of over homo’s.” Fien heeft wel nog een idee waar een mop goed voor kan zijn. “Als je nou een mop bedenkt over dat het niet goed gaat met de natuur en dat we het afval moeten opruimen, dan denk ik dat kinderen het wel sneller zullen doen. Omdat ze zo’n mop dan goed onthouden. En de boodschap ook.” Maar waarom gaan zoveel moppen eigenlijk over ‘Jantje’? Rosalie: “Het is een makkelijke naam en het kwam vroeger veel voor in Nederland.” Claudio: “In Italië zijn heel veel moppen over iemand die Claudio heet, want het is een populaire naam om aan kinderen te geven. Ik kom zelf uit Rome, maar ik ken geen Italiaanse mop.” Zijn klasgenoten kijken elkaar aan met een groot vraagteken op hun hoofd. Maakt Claudio nu een grap? “We wisten niet dat je Italiaans bent”, zeggen ze dan in koor. En dan moeten Claudio en Jasper zich voorbereiden voor hun optreden. Nog één keer oefent Claudio: “Hoe komt het dat een jachtluipaard zo snel is?” Na een stilte roept hij glunderend: 'catletiek'.

 

Waar lachen meisjes om en waar lachen jongens om?
Waar lachen meisjes om en waar lachen jongens om? Anke Teunissen
Gekke bekken trekken, vindt iedereen grappig.
Gekke bekken trekken, vindt iedereen grappig. Anke Teunissen

Schele heilige

De oudste bekende mop van Nederland is zo’n 800 jaar geleden bedacht, volgens het Meertens Instituut dat onderzoek doet naar onder andere taal en cultuur. In het kort gaat de mop zo: een keizer wil dat er een gouden beeld wordt gemaakt van de heilige Sint Servaas. Als het beeld bijna klaar is, zien ze dat het scheel kijkt. Dat vindt de keizer zo’n belediging, dat hij de goudsmeden in de gevangenis laat smijten. Maar dan krijgt de keizer een droom waarin de heilige aan hem verschijnt. De dag erna laat de keizer de goudsmeden vrij. Want wat bleek? De heilige Servaas bleek écht scheel te kijken. Het beeld dat scheel keek heeft trouwens echt bestaan. Maar de rest van de mop is er later bij verzonnen.

Plaats als eerste een reactie