Overslaan en naar de inhoud gaan
Tips voor burgerschapsonderwijs

Tips voor de leerkracht: omgaan met discriminatie in de klas

Ga niet met elkaar in discussie over de vraag of discriminatie wel of niet mag en volg een training om vooroordelen bij jezelf te leren herkennen. Dit zijn twee belangrijke tips van Hanneke Felten, onderzoeker bij Movisie. Zij doet onderzoek naar manieren om discriminatie en racisme tegen te gaan.
Hanneke Felten, onderzoeker bij Movisie, bedenkt manieren om discriminatie tegen te gaan.
MacSiers Imaging

Is discriminatie een gevoelig onderwerp om in de klas te bespreken?

“Het is vooral een heel belangrijk onderwerp! Het is iets wat in de Grondwet is verboden en daarmee een heel belangrijk principe in Nederland. Dat is wat je toekomstige burgers mee wilt geven, juist ook op school. We zien in Nederland behoorlijk veel discriminatie. Bijvoorbeeld op de arbeidsmarkt op basis van huidskleur of culturele afkomst. Daar doen we het ongeveer even slecht als de Verenigde Staten. En kinderen met een handicap worden in ons land geweigerd op reguliere scholen, ook al mag dat wettelijk niet.”

En hoe zit dat met praten over racisme?

“Dat is bij mensen van kleur al veel langer een gespreksonderwerp, maar bij witte mensen staat het pas door de Black Lives Matter beweging wat meer op de agenda. Maar ze zijn soms bang racist genoemd te worden en dat maakt het praten erover lastig. Feit is dat veel mensen bewuste en onbewuste vooroordelen hebben. Aannemelijk is bijvoorbeeld dat in het onderwijs vooroordelen en stereotypen over culturele afkomst of huidskleur bijvoorbeeld cijfers van leerlingen beïnvloeden. Het gros van de docenten wil leerlingen gelijk behandelen, maar dat gebeurt zeer waarschijnlijk niet altijd. Een eerste stap is om dat te erkennen en te herkennen.”

Vanaf welke leeftijd kun je het met kinderen over discriminatie en racisme hebben?

“We zien dat vooroordelen ook op de peuter- en kleuterleeftijd al heel sterk spelen. Kinderen zijn zeker niet kleurenblind, ook al denken en hopen we dat. Uit het onderzoek Opgroeien zonder vooroordelen van KIS, het Kennisplatform Inclusief Samenleven blijkt dat witte kinderen sneller en liever spelen met andere kinderen die ze ook als wit zien. Dus hoe eerder je hier met kinderen over in gesprek gaat, hoe beter.”

Globy met vriendje
Globy in het zwart wit

Wat als één van je leerlingen wordt gediscrimineerd?

“Het is heel belangrijk om de veiligheid van dat kind, vooral ook in de klas, te waarborgen. Want pesten is altijd rot, maar als je wordt gepest om iets waar je in de hele samenleving op benadeeld wordt, is dat vaak heftiger. In de klas gepest worden omdat je een gekke bril draagt, is vervelend. Maar je ouders of buurkinderen kunnen die bril juist heel leuk vinden. En daar als je niet op school bent, word je ook even niet meer gepest om die bril. Als het gaat om je afkomst of je huidskleur, dan kan het zijn dat je niet alleen in je klas als minderwaardig wordt gezien, maar ook in de kranten, het journaal en dat je op straat wordt uitgescholden. Dus zorg dat het in de klas in elk geval niet gebeurt.”

Wat kun je als docent dan zelf doen?

“Als eerste grenzen stellen: discriminatie is verboden bij wet. Ga dus ook geen discussie aan met leerlingen over de vraag of discriminatie wel of niet kan. En: alles begint bij zelf het goede voorbeeld geven, want dat wordt dan de norm. En dan is het belangrijker wat je doet dan wat je zegt. Behandel alle kinderen in de klas gelijk, en dat geldt niet alleen voor afkomst maar ook bijvoorbeeld voor gender. Let op dat je geen tweedeling maakt tussen ‘wij en zij’, bijvoorbeeld tussen wie wel en niet gelooft. Het uitgangspunt moet zijn: ‘wie ben jij?’ En dat iedereen blij mag zijn met de eigen identiteit. Probeer vooral te zoeken naar overeenkomsten en maak geen categorieën. Als je wilt praten over kerst, dan vraag je ‘Wat ga je doen?’Je vraagt niet: ‘Wie gaat er naar de kerk en wie niet’. Verder: doe ook geen spel met ‘de jongens tegen de meisjes’. Hoe sterker je hokjes benadrukt, hoe meer kinderen gaan denken dat dat dus kennelijk een belangrijk hokje is. En dat leidt weer tot vooroordelen. Terwijl ik denk dat geen enkele docent wil dat kinderen leren onderscheid te maken.”

Welke tips heb je verder nog voor leerkrachten?

“Er is in Nederland geen traditie om leerkrachten toe te rusten met bijvoorbeeld anti-racisme skills, zoals ze in sommige delen van de Verenigde Staten wel doen. Het zit niet standaard in de opleiding. Soms krijgen ze wel ‘leren omgaan met verschillende culturen’. Ik raad docenten aan een cursus te volgen over het voorkomen van racisme en discriminatie. Er zijn genoeg trainingen waarin je leert je stereotyperingen en vooroordelen bij jezelf herkennen. Trek er eens een studiedag voor uit. Verder raad ik ook aan om boeken te lezen over mensen die te maken krijgen met discriminatie. Als je hetero bent, lees eens een boek met een homoseksuele hoofdpersoon. Of lees iets over iemand die gehandicapt is. Leer je inleveren in anderen. Dat maakt vaak al een verschil."

Plaats als eerste een reactie