Overslaan en naar de inhoud gaan
Informatie

Taal is overal

Taal is veel meer dan een verzameling woorden of klanken. Het is onderdeel van iemands cultuur en identiteit.

Cultuur

Drie keer raden waar iemand vandaan komt die bonjour zegt. Of merhaba. Taal kan veel over je verklappen, bijvoorbeeld de cultuur waarin je bent opgegroeid. In sommige landen kan het zelfs vertellen of je naar school bent gegaan. Als je dezelfde taal spreekt, zorgt dat voor verbinding. Je hoort dan bij een groep. Tegelijkertijd kan het ook lastig zijn om ergens bij te horen als je de taal juist niet spreekt. Taal kan ook iets vertellen over je status. Mensen die heel netjes praten, lijken vaak automatisch succesvol of belangrijk. Luister maar naar de koning! Taal is onderdeel van onze identiteit. 

Geschiedenis

Het is lastig te zeggen wanneer mensen precies begonnen zijn met praten, omdat gesproken taal geen sporen nalaat in de geschiedenis. Bij een opgraving kunnen archeologen alleen geschreven woorden vinden. Sommige wetenschappers denken dat mensen twee miljoen jaar geleden al spraken. Anderen denken dat het veel minder lang geleden is. In elk geval komt het alleroudste Nederlandse woord ooit gevonden uit 107 na Christus. De Romeinse schrijver Tacitus schreef toen: vada, oftewel wad.

Moedertaal

Voordat je geboren wordt, luister je al naar het ritme van de taal die buiten de baarmoeder klinkt. Als baby’s worden geboren kunnen ze nog niet praten. Vanaf één jaar beginnen ze met hun eerste woordjes. Die leren ze door te luisteren naar gesprekken tussen hun ouders. Baby’s zijn hele goede luisteraars! Een half jaar later leren kinderen om twee woorden aan elkaar te plakken, bijvoorbeeld: papa en eten. Zodra een kind drie jaar oud is kan het echte gesprekken in de moedertaal voeren: de taal waarin het opgroeit. Er zijn ook kinderen met ouders die verschillende talen spreken. Die groeien meertalig op.

China-beeldtaal-gebeurtenis

Taalfamilies

Sommige talen lijken op elkaar: ze horen bij dezelfde ‘familie’. Deze talen zijn afkomstig uit één vooroudertaal of ze hebben dezelfde kenmerken. Zo heb je de Germaanse talen. Daar horen Nederlands, Engels en Duits bij. De Germaanse talen heten zo omdat ze vroeger gesproken werden door de Germanen. Dit volk nam de Germaanse taal mee naar verschillende landen in Europa, waarna iedereen zijn eigen draai aan de taal gaf. Maar er zijn nog steeds gelijkenissen. Zo is het Nederlandse ‘boek’ in het Engels ‘book’ en in het Duits ‘Buch’. Er zijn ook talen die nergens bij horen: isolaten. Het Baskisch, dat in delen van Spanje wordt gesproken, is hier een voorbeeld van.

Leenwoorden

Taal verandert de hele tijd. Jij praat en schrijft waarschijnlijk heel anders dan je opa en oma. Dat komt doordat mensen woorden anders spellen, nieuwe woorden bedenken of woorden uit andere talen lenen. Deze leenwoorden worden zo vaak gebruikt dat veel mensen niet eens meer in de gaten hebben dat het woorden uit een andere taal zijn. Neem het Franse woord ‘restaurant’ of het Engelse woord ‘fi lm’. Leenwoorden zijn vaak woorden die in een andere taal nog niet bestaan. Bijvoorbeeld een gerecht als ‘sushi’ of nieuwe uitvindingen als ‘computer’. Taal zal hierdoor nooit hetzelfde blijven. Daarom worden woordenboeken steeds vernieuwd.

Bonte mix

Door de kolonisatie zijn er veel landen buiten Europa waar Frans, Portugees, Engels en Nederlands wordt gesproken. Suriname is een voorbeeld van een land waar Nederlands klinkt. Maar ook het Afrikaans dat wordt gesproken n Zuid-Afrika en Namibië. Het is geen Nederlands, maar het lijkt er wel erg op. Het is ontstaan uit het Nederlands zoals dat in de 17e eeuw werd gesproken door de kolonisten uit Zuid-Holland en Zeeland die zich in de Kaapkolonie vestigden na de stichting van Kaapstad. Dit Nederlands is gemengd met de taal van de mensen die er al woonden, zoals de Khoikhoi. Er werden ook Franse en Duitse woorden aan toegevoegd door de latere kolonisten en woorden van de tot slaaf gemaakten die Maleis of Portugees spraken. Taal kan dus een hele geschiedenis vertellen.

Plaats als eerste een reactie