Overslaan en naar de inhoud gaan
Interview

"Ik scheld niet tegen mijn ouders"

De slaapkamer van Lashawne (12) is verboden voor vriendinnen en net als Julian (ook 12) zegt ze altijd ‘u’ tegen oudere mensen. Is hun Surinaamse opvoeding streng? “Helemaal niet. Wij mogen heel veel en Nederlandse kinderen zijn vaak brutaal en niet zo dankbaar.”
Julian en Lashawne vertellen over hun Surinaamse opvoeding.
Maarten Kools

De oma van Lashawne werkte als juf en voedde niet alleen haar eigen kinderen op, maar ook drie kleinkinderen. De vader van Julian schreef het boek ‘Waarom? Daarom! Opvoeden op z’n Surinaams’. Zij zijn dus echte deskundigen. Maar bestaat dé Surinaamse opvoeding eigenlijk wel? En wat houdt die in?

LASHAWNE: “Ik zie heel grote verschillen tussen hoe ik word opgevoed en mijn klasgenoten of kinderen in de buurt. Er kwam bijvoorbeeld een keer een vriendin bij me spelen en die zei ‘hoi’ tegen m’n oma en ‘je en jij’. Ik schrok er echt van.”
OMA REGINA: “Tegen dat meisje zeg ik dan niks. Maar ik laat Lashawne wel weten dat ze tegen haar vriendinnen moet zeggen dat dat zo bij ons thuis niet gaat. Ik wil dat kinderen ‘u’ tegen me zeggen. Zij zegt zelf ook ‘u’ tegen me. Dat heeft met respect voor oudere mensen te maken. We zijn geen vrienden.” 
JULIAN: “Ik hoef thuis geen ‘u’ tegen mijn ouders te zeggen, maar ik zal het niet in m’n hoofd halen om tegen ze te schelden. Ik hoor vriendjes aan de telefoon wel eens tegen hun ouders zeggen: ‘Houd je bek’. Dat vind ik zo onbeschoft!”
VADER ROUÉ: “Ik noemde het in mijn boek ‘opvoeden op z’n Surinaams’, omdat ik het zo van mijn Surinaamse ouders heb meegekregen, maar het zou kunnen dat het meer traditioneel is. Mis- schien zelfs een beetje ouderwets. Want ik heb sindsdien van veel Nederlanders gehoord dat zij vroeger ook werden opgevoed met meer respect naar ouderen en ‘u’ moesten zeggen. Het is vast modern om dat niet meer te doen.”

Ouderwets

LASHAWNE: “Ik denk dat mijn oma inderdaad wel een beetje ouderwets is. Ze vindt dat mijn korte broeken te kort zijn, ook al komen ze tot mijn bovenbenen. Ik vind dat echt onzin. Ik heb ze, m’n vriendinnen dragen ze. Waarom mag ik ze dan niet aan naar school?”
OMA REGINA: “Nee, ze zijn veel korter dan wat jij nu aanwijst. Ze komen tot net onder je bil. Ik vind een blote buik naar school ook niet goed. Die kleding mag wel in je vrije tijd, maar gewoon niet naar school.”
VADER ROUÉ: “Mijn vrouw en ik hebben onze hele jeugd in Suriname doorgebracht. We waren twintig toen we in Nederland kwamen. Ik denk dat onze manier van opvoeden Surinaamser is dan die van Surinamers die in Nederland zijn geboren. Maar ik maak de Surinaamse manier van opvoeden niet heilig, hoor. Want vroeger werd er door ouders vaak geslagen, ze praatten niet met hun kinderen en legden beslissingen niet uit. Ik heb mijn kinderen nog nooit geslagen.”
OMA REGINA: “Ik ook niet. Want ik werd er vroeger wel eens verdrietig van dat mijn oma zo streng was.”

Regels

LASHAWNE: “Ik mag van mijn oma wel veel meer dan vriendinnen van hun ouders mogen. Die mogen bijvoorbeeld niet verder dan het pleintje in ons dorp Akersloot. Ik mag met de trein naar Zaandam om te winkelen. Ik denk dat dat komt doordat ik heel goed weet wat haar regels zijn en mijn oma vertrouwt me dat ik me daaraan houd. Iets waar ik wel moeite mee heb, is dat mijn vriendinnen niet mee mogen naar mijn slaapkamer.”
OMA REGINA: “Boven is privé. Misschien volgend jaar als ze wat ouder is.”
VADER ROUÉ: “Die regel hebben wij ook. Dat heeft er vast mee te maken hoe de huizen in Suriname zijn gebouwd. Alle ruimtes zijn open en iedereen is welkom, ook altijd om mee te eten. Maar de grens ligt bij de slaapkamers. Mijn beste vriend in Suriname heeft mijn slaapkamer misschien twee keer gezien in onze hele vriendschap. Spelen deden we buiten.”
JULIAN: “Ik heb geen moeite met hoe het bij ons thuis gaat. Ik bewaar graag de vrede, want als je ouders een week chagrijnig tegen je doen, is dat niet fijn. Bovendien ben ik afhankelijk van mijn ouders. Zij zorgen voor eten op m’n bord en daar ben ik dankbaar voor. Ik vind dat veel Nederlandse kinderen met hun brutale of onbeschofte gedrag niet laten merken dat ze hun ouders dank- baar zijn.”
LASHAWNE: “Wij hebben het gezellig en er zijn vaak feestjes. Oma zorgt dan voor roti, nasi en bami.”
OMA REGINA: “Wat dat betreft ben ik echt een feestbeest. Maar ik ga niet weg, ik laat de kinderen niet alleen in huis. Dat heeft niets met streng zijn te maken, maar met bezorgdheid.”

Plaats als eerste een reactie

**Bold** _italic_
Uw emailadres wordt enkel gebruikt om mogelijk contact met u op te nemen naar aanleiding van uw bericht en is enkel zichtbaar voor de redactie.