Gebaren voor Zuid-Sudan

banner

Gebaren voor Zuid-Sudan

LEIDEN - 7 maart 2015

Doven hebben hun eigen taal: gebarentaal. In veel landen staan die gebaren uitgelegd in een boek zodat iedereen ze kan leren. In het Afrikaanse land Zuid-Sudan bestaat zo’n boek nog niet, maar het is wel in de maak.

De afgelopen twee weken was de dove Kidane Admasu (30) uit Ethiopië op bezoek bij de universiteit in Leiden. Samen met een onderzoeker die heel veel weet van gebarentalen in Afrikaanse landen, werkte hij aan een gebarenwoordenboek voor Zuid-Sudan.

Grapjes maken

Kidane Admasu kan Engels en maakt gebaren met een tolk die de woorden en zinnen hardop in het Nederlands uitspreekt.
“Een eigen gebarentaal is belangrijk. Het is net als met een gesproken taal. Daar kun je trots op zijn, het geeft je het gevoel dat je ergens bij hoort: namelijk bij de andere mensen die deze taal spreken, je kunt er het makkelijkst grapjes in maken en het geeft je een gevoel van ‘thuis’.”

Noord en zuid

Een gebarenwoordenboek is handig voor leerkrachten met een doof kind in de klas én voor familieleden van doven die zo ook gebaren kunnen leren. In Zuid-Sudan is zo’n boek maken wel extra moeilijk. Het land bestaat pas sinds 2011 officieel.
Eerst was Sudan één groot land, maar na jarenlange burgeroorlog is er nu een noorden en een zuiden. De dove mensen uit het zuiden willen nu niets met de gebaren van doven uit het noorden te maken hebben.

Eigen gebaren

In Zuid-Sudan wonen ook nog eens allerlei verschillende groepen mensen met eigen talen en gebruiken. Ook de doven hebben hun eigen gebaren. Tijdens de burgeroorlog waren zij het niet altijd met elkaar eens. Een keuze voor het gebaar van de ene groep, vinden de andere groepen vaak niet goed. Dit merkte Kidane Admasu toen hij in de hoofdstad Juba was.

Video

“We nodigden allemaal doven uit en maakten foto’s en video’s van gebaren. Daarna zochten we uit welk gebaar het makkelijks of het beste was.”
Eén van de gebaren die lastig was te bepalen, is die voor het land zelf. Een voorbeeld: het gebaar voor ‘Nederland’ maak je door met twee handen ter hoogte van je oorlellen de vorm van de kap van het Zeeuws meisje uit te beelden. Leuk misschien voor de Zeeuwen, minder voor de Friezen want die hebben heel andere traditionele klederdracht. Voor Zuid-Sudan is nu gekozen voor een gebaar dat laat zien hoe de Dinka, één van de stammen, hun lange gewaden vastmaken. Leuk voor de Dinka, maar minder leuk voor de andere stammen. Er is dan ook heel lang over gepraat.

De dove Dawa John (12) leert gebarentaal

De dove Dawa John (12) leert gebarentaal.

In Uganda en Ethiopië zijn al gebarenwoordenboeken.

In Uganda en Ethiopië zijn al gebarenwoordenboeken.

Er zijn al zo'n 200 gebaren in Zuid-Sudan verzameld op video en foto. Kidane Admasu maakt er een boek van.

Er zijn al zo'n 200 gebaren in Zuid-Sudan verzameld op video en foto.

Kidane Admasu uit Ethiopië maakt het gebaar voor Zuid-Sudan.

Kidane Admasu uit Ethiopië maakt het gebaar voor Zuid-Sudan.

Dovenschool

Een officiële dovenschool is er nog niet in Zuid-Sudan. Daarom leert Dawa John (12) in haar eigen dorpje wat gebaren. Ze is niet alleen doof, maar heeft ook een verstandelijke beperking. Het is haar wel gelukt in vier maanden om 45 woorden te leren. Hiermee kan ze de belangrijkste dingen zeggen: over eten en drinken, de dagen van de week en bijvoorbeeld woorden voor familie. Een goed begin.

App

Het woordenboek met gebaren ziet Kidane Admasu ook als een goed begin. “Maar het liefst willen we een app maken met daarin bewegende beelden van gebaren. Dan is het veel makkelijker om te leren. Alleen heeft niet iedereen in Zuid-Sudan een smartphone of een laptop waarop je die bewegende beelden goed kunt afspelen. En we hebben geld en nog veel meer tijd nodig om zo’n app te maken.”

Operatie

In Afrika wonen meer doven dan in Nederland. Er komen daar ziektes voor waar je doof van kunt worden, zoals malaria. En er is minder goede gezondheidszorg. Doven en slechthorenden in Nederland dragen vaak een gehoorapparaat waardoor ze toch wat kunnen horen. En sommigen worden geopereerd. Zij krijgen een snoertje naar het diepste binnenste van hun oor. Aan het uiteinde zitten elektroden die geluidssignalen doorgeven naar de gehoorzenuw. Het snoertje is verbonden met een apparaatje aan de zijkant van het hoofd. Soms kun je het goed zien zitten. Rafie (11) uit Hoorn heeft zo’n apparaat. Kijk maar eens goed naar de foto’s en het filmpje van hem.

Rafie (11) uit Hoorn heeft zo'n apparaatje zoals hierboven staat beschreven. Klik op zijn naam en hij leert je in een handomdraai een paar belangrijke gebaren.
Wil je weten hoe het is om slechthorend op het eiland Curacao te zijn? Lees dan de interviews met Suhainy (11) en Shaneisa (10).

Nieuwsgierig geworden naar andere kinderen in Zuid-Sudan?
Klik dan hier.