Groene wonderolie

banner

Snoepoktober 2009

Groene wonderolie

Biobrandstof heeft de toekomst. Zegt men. Iedereen heeft het erover hoe je van allerlei zaden en planten benzine kunt maken. In het Indonesische dorp Sukajadi zijn de boeren alvast begonnen. De dertienjarige Bram helpt hard mee.

Jathropaplanten

Boer Pance wijst naar de groene heuvels waarop hij uitkijkt. "Vierhonderduizend planten," zegt hij. Hij is zelf onder de indruk van de hoeveelheid jatropha planten die de boeren uit de omringende dorpen al hebben geplant. En ze gaan nog even door. "Zodat we straks genoeg zaden kunnen oogsten om 1.200 liter biodiesel per dag te persen. Dan hebben we ook voldoende afval voor onze biogastanks. Daarmee maken we stroom, kookgas en compost. Voorlopig oogsten we net genoeg jatropha om een paar liter olie te persen. Toch Bram?'

Techniek

Bram schiet overeind. Olie persen is zijn werk! Dat gepraat over stekken, planten en oogsten van jathropa kan hem niet echt boeien. Al weet hij er alles van. Noodgedwongen. Hij werkt al twee jaar op het land om geld te verdienen. Hij moet zijn moeder helpen. "Eigenlijk had ik op de middelbare moeten zitten," mompelt Bram zachtjes. Ingenieur worden dat leek hem wel wat. "Maar ik werk graag met de oliepersmachine's hoor," zegt hij.

Één liter

Bram toont een flesje waarin een bruinkleurige vloeistof zit. "Jathropa-olie, "zegt hij trots. Naast de deur van het werkplaatsje waar de oliepers staat, liggen de donkerbruine zaden te drogen in de zon. Over een dag of wat gaan Bram en zijn werkmaatje Rendi (18) het zaad persen. Dat gaat redelijk snel. Het zaad gaat met schil en al in de machine. Een grote boor plet het zaad en perst er zo de olie uit. Druppel voor druppel. Daarna moet de olie nog gefilterd worden om het fijnere vuil eruit te halen. "Uit drie kilo zaad halen we een liter olie, die kun je zo in de tank gooien en wegrijden," verklaart Bram met een serieus gezicht.

Vijf liter

"Kemiri-noten leveren meer olie op," vervolgt Bram. "Uit acht kilo noten pers ik 5 liter olie. Het is wel meer werk dan jatropha-olie maken." De noten worden eerst gekweekt en geschild. Daarna gaan ze drie keer door een machine om ze fijn te pletten. Pas bij de volgende pers, die veel op een wastrommel lijkt, druppelt de goudgele olie langzaam uit de gaatjes. Bram: "En de noten geven meer bio-afval voor de gastanks waarmee we straks stroom en kookgas gaan maken."

Een grote, groene pers met een soort molen. Bram gooit daar nu een zak met noten in.

Bram vult de oliepers met kemiri-noten.

De pers van Bram

De oliepers van Bram kan 600 kilo zaad per dag verwerken. Het is een van de persen die EPT,  een biodieselbedrijf,  in de streek heeft geplaatst. Volgens EPT is jathropa een ideale plant in de strijd tegen de armoede in de streek. De boeren in Wado hebben al 400.000 jathrophastekken geplant. Van één struik komt per jaar tussen de vier en tien kilo zaad. EPT betaalt 500 roepies (4 eurocent) per kilo. Voorlopig is het nog niet zover. De boeren uit Wado oogsten na twee jaar nauwelijks een halve kilo per struik. Gelukkig planten ze jathropa alleen als tussengewas, tussen de rijst en de cassave, langs de weg en op erf. Maar stiekem dromen ze van superoogsten.

Biogas

Bram kan niet wachten tot die gastanks worden geplaatst. In het fabriekje heeft hij al een hele voorraad uitgeperste notenkoek opgeslagen. Hij wil wel eens zien hoe die notenkoek straks in gas wordt omgezet. En zegt Bram: "Ik wil die gastanks best onderhouden."