Hoe Wily al jong ‘santera’ werd

banner

Cuba: dromenseptember 2008

Hoe Wily al jong ‘santera’ werd

Over een Afrikaans geloof dat populair is op Cuba

Ze ziet er uit als een gewoon meisje en ze speelt spelletjes als elk ander leeftijdgenootje. Soms doet ze dingen die andere kinderen niet kennen. Dan is ze bezig met haar geloof.

Hoe heet je?

“Ik heet Wily Andrea. Ik ben vernoemd naar vrienden van mijn ouders, een Nederlands echtpaar. Ze komen elk jaar naar Cuba. Ze hebben mij gedoopt. Ze geven ons regelmatig geld en kleren. ik heb ook twee andere namen: Obalú Fandei. Obalú is een god in het santería geloof. Fandei is wat binnen in een slak zit.”

Waarom ben je vernoemd naar Obalú?


“Toen ik vijftien maanden was, kreeg ik iets aan mijn longen. Ik lag op sterven. Mijn Hollandse peetmoeder kreeg toen van Sint Lazarus de raad om mij -vóór mijn zevende- in te wijden in de santería. Omdat Obalú de enige orisha (= heilige)
 is die ziekte kan veroorzaken, maar ook bestrijden, kreeg ik zijn naam.”

Hoe ging die inwijding?


“Ik liep een jaar lang in witte kleren. Dat hoort, om je te zuiveren. Ik moest eerst zeven dagen op een soort troon zitten. Ik kreeg een kroon op mijn hoofd. Op die troon van witte doeken moest ik ook eten en slapen. Voor mijn neus werden hanen en geiten geofferd. Ze lieten het bloed op een aantal voorwerpen druppelen om zo energie terug te geven aan de aarde. Als ik wilde plassen, bedekten ze me met een witte doek en droegen me naar de wc.
Na die week ging ik naar de kerk en daarna naar de markt om fruit te stelen. Marktkooplui weten dat dit bij ons geloof hoort, dus die knijpen een oogje toe. Dat fruit offerde ik aan de orisha’s. Ik kreeg verschillende kettingen van mijn peetmoeder, in de kleuren die bij mijn orisha’s horen. En we gingen naar de rivier en het strand, om schelpen en slakken te zoeken en de watergoden te vertellen dat er een nieuw geborene binnen het geloof kwam. Ik dus!"

Hoefde je niet naar school?

“Na die eerste week ging ik weer naar school. Ik droeg onder mijn uniform een witte bloes en rok en ook witte sokken en schoenen. Ik moest van mijn eigen witte bord eten en uit mijn eigen witte beker drinken. Niemand mocht mijn lepel aanraken. Ik nam dus steeds alles mee en waste alles zelf af.”

Hoort er bepaalde muziek 
bij jullie geloof?

“Ja. ik heb van mijn peetmoeder een MP-3 speler gehad. Daarop staat muziek die wij gebruiken bij ceremonies. Elke orisha heeft ook zijn eigen dans. Bij mij hoort de dans van Obatalá. Hij is mijn beschermheilige en hij lijkt op een oud mannetje. Zal ik de dans voordoen?”

Wily speelt met buurtkinderen

Wily bij een kapelletje met Sint Lazarus

Wily bij een beeld van Sint Lazarus, de katholieke beschermheilige van zieken.

In het kort

- Op Cuba is santería een belangrijke godsdienst
- Santería is een mengeling van katholieke en Afrikaanse geloven

Santería

Aan de naam Obalú Fandei kun
je zien dat Wily is ingewijd in het Cubaanse geloof dat santería heet. Het geloof is heel oud. Slaven, die door de Spanjaarden in Afrika waren gekocht, namen hun geloof mee naar Cuba. Daar werd de godsdienst doorspekt met allerlei katholieke gebruiken . Ook de heiligen of hun namen werden vermengd. Zo is Obalú gelijk aan Sint Lazarus. Sint Lazarus is de katholieke heilige die zieken genas. De heiligen uit het santería geloof heten orisha’s.


Na school speelt Wily met kinderen uit de straat: tikkertje of rennen.