Iedereen draagt tweedehands

banner

2e handsmaart 2014

Iedereen draagt tweedehands

Broeken, truien, T-shirts en schoenen. Elk jaar verscheept Nederland zeecontainers vol tweedehands kleding naar Ghana. De meeste kleren belanden op tweedehandsmarkten, waar bijna alle Ghanezen hun kleren kopen.

Schoon en gestreken

Vandaag zoeken klasgenoten Dennis (9) en Suzzy (13) naar feestelijke kleding. Het is namelijk de laatste schooldag. De aula verandert dan in een disco en de kinderen mogen de hele dag spelletjes doen.

Op school dragen Ghanese kinderen een uniform, maar in hun vrije tijd zien ze er net zo uit als jij. Een skinny jeans of rokje met een T-shirt, petje en sneakers. Alles helemaal schoon, zonder gaten en netjes gestreken. Maar wel tweedehands. Suzzy: “Ik koop het liefste tweedehands. Jurken die je bij een naaiatelier laat maken, vallen vaak anders uit dan je wilde. Maar naar de kerk draag ik altijd jurken in Ghanese stijl.”

Ik koop het liefste tweedehands

Je ziet Dennis en Suzzy op een tweedehands kledingmarkt kleding uitzoeken.
Dennis en Suzzy kopen al hun kleren op de tweedehandsmarkt. Misschien gaan ze wel met een T-shirt van jou naar huis.

Merkkleding

In Ghana loopt bijna iedereen in gebruikte kleding. Niemand schaamt zich daarvoor. Ook zakenlui, advocaten en andere mensen met genoeg geld, zoeken naar gebruikte dure merkkleren op de markt en op internet. Daar kost een écht T-shirt van Armani of een broek van Gucci maar een fractie van de originele prijs. Mensen die minder geld te besteden hebben, gaan naar de vele tweedehandsmarkten. Daar zoeken ze naar mooie afdankertjes. Op de vraag waarom kringloopkleding zo populair is, zegt iedereen: omdat het goedkoop is! En: je ziet niet dat het tweedehands is!

Bekende merken

De marktvrouw weet niet uit welk land de kledingstukken zijn geïmporteerd. “Ik koop alles in grote zakken, zonder te weten wat erin zit. Je kunt dus geluk of pech hebben met de kwaliteit. Ik sorteer de inhoud en verdeel de kleren over drie stapels. Stapels met kleren van uitstekende, mindere en slechte kwaliteit. Ik hanteer dus drie verschillende soorten prijzen.” Herenkleding is het duurst. Mannen betalen graag meer voor een overhemd of jasje van een bekend merk. Dennis: “Wij mannen zijn gek op designermode. Wij willen graag showen.”

Kwaliteit

De meeste tweedehands kleren komen uit Europa, Canada en Amerika. De kwaliteit van tweedehands textiel is vaak beter dan die van nieuwe kleding. Daarom is er veel vraag naar. Nieuwe kleren, die in Ghana meestal uit China komen, zijn wel goedkoop, maar slijten heel snel.

Handelaren verzamelen de oude kleren en verschepen ze naar Afrika. Ghanese opkopers moeten voor het invoeren van de kleren weer invoerbelasting betalen bij de douane. Zij verkopen de kleding vervolgens weer voor een iets hogere prijs aan de marktkooplui. Met ‘gratis’ tweedehands kleding kun je dus winst maken.

Roze sokjes

Op de tweedehandsmarkten in Ghana mogen geen ondergoed en zakdoeken worden verkocht. En ook geen gebruikte matrassen. Dat heeft te maken met hygiëne. Deze spullen zouden ziektes en bacteriën kunnen verspreiden. Dennis en Suzzy vinden het niet erg dat de kleren die ze kopen niet eerst gewassen zijn. “Dat doen we thuis wel,” zegt Suzzy. Ze trekt een paar wollen roze sokjes uit een berg sokken tevoorschijn. “Eigenlijk zijn ze te warm én te klein, maar ik ben gek op roze!” Dennis heeft ondertussen een wit hoofdbandje uit een stapel gekreukelde T-shirts gevist. “Cool,” zegt hij blij.

Suzzy houd een rokje om haar nek, zo meet je of een rokje past. Ze staat tussen kleding en heeft een grote glimlach op haar gezicht.
Suzzy: "Zo meet je of een rokje past."

Suzzy zit thuis tussen al haar kleding. Ze bewaart haar kleding in een grote zak, voordat ze het aantrekt wast en strijkt ze het eerst.
Thuis bewaart Suzzy al haar kleren in een grote zak. "Voor ik iets aantrek, was en strijk ik het eerst!"

Goedkoop

De import van grote hoeveelheden goedkope tweedehands kleren is fijn voor de Ghanese burgers. Maar deze invoer is niet goed voor de Ghanese kledingindustrie. Twintig jaar geleden waren er nog ruim 40 textielfabrieken in Ghana. Daar werkten toen 25.000 mensen. Nu zijn er nog vier over, met zo’n 4.000 werknemers. In Ghana zijn wel fabrieken voor plastic slippers. Ook zijn er schoenmakers die leren schoenen maken. Geen sneakers. Die komen tweedehands uit het buitenland.

Handige truc

Op de markt zijn geen pashokjes. Suzzy: “Geeft niks. Je kunt de tailleband van een rok om je nek houden. Als de uiteinden elkaar raken, dan weet je dat de rok ook om je middel past. Dat is de truc!”

Ze draagt ondertussen een enorme stapel kleren over haar arm en hoopt dat de marktvrouw genoegen neemt met twintig cedis (zeven euro). “Voor twintig cedis koop je tien stuks, maar wat je daar allemaal hebt is veel duurder,” stelt de verkoopster haar teleur. Jammer! Suzzy had haar zinnen ook nog op een paar mooie sandalen gezet.