“Mensen dumpen hun computer in de rivier”

banner

Plasticmei 2012

“Mensen dumpen hun computer in de rivier”

Stefanne (10) woont met haar broer, moeder en stiefvader op een piepklein eilandje in de mangrove. Mangrove is een bos dat half onder water staat. Omdat het water niet zo diep is, kan je over een dijkje naar andere eilandjes of naar de kant lopen. Stefanne helpt haar stiefvader de mangrove schoon te houden.

Wat doe je met het afval?

"Ik sorteer het plastic. Als mijn stiefvader terugkomt met de boot, laden we alles uit. Ik maak twee stapels. Eén van plastic flessen en één van plastic zakken. Mijn vader doet dat in grote zakken en hij brengt het aan de kant. Daar verkoopt hij het aan een man met een vrachtwagen."

Ga jij ook mee in de boot om afval op te pikken?

"Soms. Het is leuk, behalve in de blubber staan. Dat vind ik niks. Mijn stiefvader zegt dat het gevaarlijk kan zijn. Er zijn dode vissen met stekels. Als je daar op stapt, moet je naar de dokter. Want de stekels zijn giftig. Ik ben ook bang om het water binnen te krijgen. Het is heel smerig."

Stefanne woont in Brazilië in de baai. Het voordeel vindt ze dat ze veel mensen kent. Het nadeel is dat er veel afval in de baai is.
"Het is fijn om hier in de baai te wonen, omdat iedereen elkaar kent. Je hebt veel vrienden. Maar het nadeel is het afval."

Waarom haalt je stiefvader alle rotzooi uit het water?

"Hij doet het omdat hij goed wil doen voor de planeet. Hij wil de baai schoonhouden. Maar het is niet zijn echte werk. Hij kweekt garnalen."

Wat is het raarste dat hij ooit vond?

"Hij vindt van alles. Stoelen, banken, televisies. Er zijn zelfs mensen die de computer in de rivier gooien als hij het niet meer doet. De rivier brengt alles vanzelf hier. Het blijft hangen achter de takken van de bomen."

Waarom gooien mensen al die dingen in de rivier?

"Ze willen niet wachten op de vuilnisman. Mensen zijn lui. Er staan wel tonnen waar je afval in kunt kieperen en iedere dag komen vuilnismannen met een karretje langs, maar toch gooien heel veel mensen hun rotzooi gewoon in het water. Onbegrijpelijk."

Stefanne's stiefvader haalde in 2011 meer dan dertig vrachtwagens vol troep uit het water.
Meer dan dertig vrachtwagens vol troep haalde Stefanne's stiefvader in 2011 uit het water.

Zeg je er wat van als je dat ziet?

"Als je wat zegt, doen ze het expres de volgende keer weer. Het helpt niets."

Is er ook een school op de eilandjes?

"Ja. Op het grootste eiland is een lagere school met 250 kinderen. Daar ga ik ook naartoe."

Ga je vaak naar de kant?

"Om de dag ga ik naar de kant. De familie van mijn moeder woont daar. Ik loop over de dijkjes en dan over de brug die ze gemaakt hebben tussen het grote eiland en de kant."

Wat doe je buiten schooltijd?

"Spelen, zoals verstoppertje spelen tussen de huizen op het grote eiland. En als ik thuis ben kijk ik het liefst televisie."

Het eiland van wordt ook wel 'Eiland van God' genoemd

Wat wil je later worden?

“Danslerares en als dat niet kan dokter. Dan kan ik geld verdienen en toch nog danslerares zijn.”

Eiland van God

De plek waar Stefanne woont heet Ilha de Deus (spreek uit als: iel-jaa de dee-oesj). Dat betekent Eiland van God. Dat komt omdat een journalist ooit zo schrok van de armoede en troep op de eilandjes, dat hij schreef: deze eilandjes zijn door God vergeten. Hij bedoelde: niemand helpt deze mensen, zelfs God niet.

De bewoners vonden het niet leuk. Een priester van de katholieke kerk zei: God is er voor iedereen. We gaan de naam veranderen. Hij had succes. Nu praat iedereen over 'Ilha de Deus': 'het eiland van God.'