Vroeger was het anders

banner

Mijn Buurtdeze maand

Vroeger was het anders

Elke maand gaan Liselot (13) en Mijntje (12) aan tafel met eenzame ouderen uit Den Bosch. Maar tijdens het eten zijn er geen moeilijke gesprekken over eenzaamheid of kwaaltjes. "Het is gewoon gezellig."

Met haar wijsvinger drukt Mijntje op de bel. Geduldig wacht ze tot ze voetstappen achter de voordeur hoort. Ze weet dat dit soms best even kan duren. “Cella is niet zo goed ter been.” Waar dat door komt, weet ze niet. Ze kennen elkaar al jaren, maar dat soort dingen bespreken ze niet. Ze geeft Cella (84) een arm en helpt haar naar de auto. Vanavond gaan ze weer samen eten, met zo’n veertig andere ouderen. Niet in een restaurant, maar in een school.

Vrijwilliger

In de auto vertelt Cella dat ze griep had en hoe lief haar kleinzoon van zestien voor haar zorgde. Mijntje appt ondertussen met Liselot die ze heeft leren kennen tijdens deze etentjes. Allebei hun moeders zijn vrijwilliger van Stichting met je Hart. Die van Mijntje is een van de chau eurs. Meestal nemen ze nog een andere vrouw van 94 mee. Maar die belde vandaag af. Ze woont in een at op de twaalfde verdieping en krijgt bijna nooit bezoek. Juist voor deze mensen organiseert de stichting deze avonden. Maar als je niet zo lekker in je vel zit, kan zo’n avondje uit veel energie kosten en is de drempel hoog om de deur uit te gaan.

Vakantie

Riet (89) en Liselot prikken allebei een beetje voorzichtig in het hoofdgerecht: bobotie, een Zuid-Afrikaans recept. Ze kennen het niet, maar dat het uit Zuid-Afrika komt vinden ze wel toevallig. Riet: "Mijn dochter woont in Zuid-Afrika. Ik ben daar laatst op vakantie geweest. Liselot vraagt een beetje door over die reis en vertelt over haar eigen vakantie vorig jaar jaar, naar China. Riet: "Op jouw leeftijd maakte ik niet zulke reizen. Dat zat er niet in. Mijn moeder ging eens per jaar met de trein naar haar zus, op vakantie in eigen land. Als je onder de twaalf was, mocht je mee. Want dan kostte je treinkaartje de helft van het geld." Liselot geniet van dit soort verhalen. "Ik leer zo veel over vroeger."

Buren

Waren er vroeger eigenlijk ook vrijwilligers of hielpen de buren elkaar toen veel? Riet en Mien (87) knikken. “Toen hielp iedereen elkaar. Je zorgde voor elkaars kinderen, hielp mee in het huishouden. Zolang het maar geen geld hoefde te kosten. Een pan soep voor een zieke maken, dat kon niet. Daar had niemand de centen voor.” Maar soms begon het elkaar helpen ook wel een beetje op werk te lijken. Alleen kreeg je er geen geld voor. De pastoor kwam bijvoorbeeld bij grote gezinnen met veel dochters vragen wie de kerk kon komen poetsen. Of de bibliotheek. Daar durfde niemand nee tegen te zeggen. Of je het nu wilde of niet: iedereen deed iets voor de buurt.

Te druk

Riet: “Nu ken ik niet meer iedereen in de straat. Als er nieuwe mensen komen wonen, zijn het bijna altijd tweeverdieners met kinderen. Die hebben het vaak te druk om iets voor anderen te doen en dat begrijp ik heel goed. In onze kindertijd werkten vrouwen niet buitenshuis. Die waren druk met hun kinderen en het huishouden. Vroeger was het anders.”


Mijntje ondersteunt buurvrouw Cella. 

Groot gezin

Cella weet er alles van hoe druk een groot gezin was. “Ons moeder had elf kinderen en ik was de oudste. Ik had helemaal geen tijd om de buren te helpen of iets voor de buurt te doen. Op mijn zevende leerde ik al kousen stoppen.” Mijntje kijkt verbaasd. “Als mijn kousen kapot zijn, gooi ik ze gewoon weg.” Aan tafel wordt gelachen.

Steunkousen

Heeft Cella dan nu iemand in de buurt die haar helpt met klusjes? “Nee, mijn buurvrouw loopt nog slechter dan ik. Iedereen zwaait wel gezellig naar elkaar. Maar helpen is er niet bij. Mijn kleinzoon zet soms het afval aan de weg. En ik heb twee keer per dag hulp van de Thuiszorg. Die verpleegsters trekken m’n steunkousen aan en uit. En ze wassen me. Dat kan ik niet meer zelf. Als ze tijd hebben, doen ze ook weleens een ander klusje voor me.” Mijntje fronst haar wenkbrauwen en denkt hardop: “Ik weet wat steunzolen zijn, maar wat zijn eigenlijk steunkousen?”

Lesmateriaal

Lees het artikel en doe samen opdracht 3, 4 en 5 van de lesbrief.
Download de lesbrief