Visnetten steeds leger

banner

Oma en opamaart 2009

Visnetten steeds leger

Elke keer als Edmund bij opa en oma gaat logeren, koopt hij vis voor ze in het vissersdorpje Kpong. Op een bankje aan het water zitten twee oude vissers die graag vertellen over vissen, watergeesten en krokodillen. En Edmund luistert graag en vraagt maar door.

“Waar visten jullie?”

Togbeh: “Hierachter, in de Volta-rivier. Dat deden onze vaders en hun vaders ook. Iedereen begon op z’n twaalfde. Waarom weet ik eigenlijk niet. Het was traditie. Nu is het anders. Onze zonen gaan naar school. Dat is maar goed ook, want in de visserij is geen droog brood meer te verdienen.”

De grote schepen vangen teveel vis, er blijven niet genoeg vissen voor ons over

De netten van vroeger waren veel sterker, volgens Togbeh, maar die nu gebruikt worden zijn goedkoper.

Togbeh: "De netten van vroeger waren sterker, deze zijn goedkoper."

“Is er niet nog iets anders aan de hand?”

Togbeh: “Het zou ook kunnen komen doordat we de geesten van onze voorouders niet meer eren. We hebben nog wel respect voor Mami Wata: de slangachtige godin van het water. We zullen nooit op donderdag op het meer of in de rivier vissen. Maar in de tijd van onze ouders deden vissers ook nog andere rituelen voor de geesten.”

“Geloven jullie in geesten?”

Mensah: “Wij geloven in god. We zijn christenen. Maar die geesten: die zíjn er gewoon. Alleen weet niemand meer hoe we ze tevreden kunnen houden. Ook ik herinner me nog maar heel weinig van de rituelen. Ik weet wel dat alle vissers geld spaarden om gezamenlijk een ram te kopen. Die werd geslacht en in de rivier gegooid. Als offer voor de geesten van onze voorouders. Maar hoe het precies ging? Degene die het voor het laatst deed, is op raadselachtige wijze gestorven. Dat was vijfentwintig jaar geleden. Die rituelen doen, zou de oplossing kunnen zijn voor onze problemen. Maar we durven niet.”

Met een stok slaat Togbeh op het water en probeert zo vissen in fuiken die onder water staan, te jagen.

Behalve netten, gebruiken de vissers ook een harpoen.

Behalve netten, gebruiken de vissers ook een harpoen.

“Bijten de vissen dan niet meer?”

Mensah: “We vissen niet met haken. Wij gebruiken netten of we jagen op vissen met een speer. Het probleem is dat de vis zich verstopt in het riet. Dat riet groeit steeds harder. Een ander probleem is de stuwdam die in 1965 is gebouwd. Om energie op te wekken staat het water drie dagen per week heel hoog. De vissen vluchten dan weg en wij moeten steeds verder varen om ze te kunnen vangen.”

Achter het net vissen

Vanuit zijn slaapkamer ziet Edmund de zee met in de verte joekels van schepen. Veel schepen hebben een Europese bemanning en de vis die ze vangen, gaat grotendeels naar andere landen. Is dat eerlijk? Edmund denkt van niet. “Die grote schepen vangen veel te veel vis. Er blijven niet genoeg vissen voor ons over.”

Edmund dingt af op de vismarkt in Tema.

Edmund dingt af op de vismarkt in Tema.

In het kort

• Het leven van een visser wordt steeds moeilijker
• Europese schepen halen de zee leeg

 

 

 

 

Met een stok slaat Togbeh op het water en probeert zo vissen in fuiken die onder water staan, te jagen.