Overslaan en naar de inhoud gaan
Reportage

‘Ik ben bang dat er oorlog komt’

In Venezuela duurt de chaos voort. Veel mensen slaan op de vlucht voor de wanorde die er heerst onder president Maduro. Ook Andrea (14) vertrok en woont nu in buurland Colombia.
Joser (tweede van links) werkt aan zijn vlieger.
Mona van den Berg

Liftend, lopend en met de bus vluchtte Andrea een half jaar geleden met haar familie naar buurland Colombia. Ze woonde in Maracaibo, maar daar is het leven moeilijk geworden. In Venezuela blijven de prijzen stijgen waardoor het eten onbetaalbaar is en medicijnen zijn er nauwelijks. Andrea: "Overdag wordt het vaak veertig graden. Omdat er meestal dagenlang geen stroom is, hadden we geen airco. En er was vaak geen water." Nu woont ze in Riohacha, een arme stad in een kurkdroge Colombiaanse streek. Veel gevluchte Venezolanen komen hier terecht. Zij worden opgevangen door de Dutch Relief Alliance: een groep Nederlandse organisaties die samenwerkt met plaatselijke hulpverleners. Ook Colombianen die vluchtten voor geweld gepleegd door gewapende linkse guerrillagroepen of rechtse paramilitairen worden hier opgevangen. 

President

Het is al jaren crisis in Venezuela. Er is veel werkloosheid en armoede. Veel mensen zijn boos op Maduro. Ze vinden dat hij foute beslissingen neemt waardoor het land de afgrond in stort. Liever zien ze dat Juan Guaidó het stokje overneemt. Hij riep zichzelf begin dit jaar uit tot nieuwe tijdelijke president. Tot er nieuwe verkiezingen zijn. Maar die wil Maduro niet. Sommige Venezolanen hopen nu dat de Amerikaanse president Trump te hulp schiet door soldaten te sturen die de regering omver werpen. Het lijkt Andrea geen goed plan: "Van oorlog kan niks goeds komen."

Andrea vluchtte uit Venezuela.
Andrea vluchtte uit Venezuela. Mona van den Berg
Dailis heeft veel meegemaakt.
Dailis heeft veel meegemaakt. Mona van den Berg

Zorgen vergeten

Andrea komt vaak naar de recreatieruimte van Dutch Relief Alliance. Voor haar is het de plek waar ze even haar zorgen kan vergeten. Ze mist Venezuela wel. "Mijn neefjes en nichtjes wonen nog daar. Het liefst ga ik terug… maar ze zeggen dat er oorlog komt", zegt ze. Samen met andere kinderen studeert ze een liedje in voor de familiedag die binnenkort wordt gehouden. Het is een uitgelaten boel, Andrea is een van de oudsten en weet de verlegen jongere kinderen ook enthousiast te maken. 

Gesloten

Dailis (ook 14) kijkt stil toe. Een van de leidsters vertelt dat ze elke week met haar twee broertjes naar de recreatieruimte komt. Dailis is heel gesloten, maar ook zorgzaam voor de jongere kinderen. De leidsters denken dat ze nare dingen heeft meegemaakt en dat ze daar op een dag wel over gaat praten. Als dat zo is, zijn ze er om haar te helpen. Ook Joser (14) kan dan bij hen terecht. De Colombiaanse jongen vluchtte met zijn familie uit de havenstad Cartagena. Zonder iets te zeggen, werkt hij geconcentreerd aan een vlieger. Met zijn vinger strijkt hij lijm over het houten frame van de vlieger. Daarna plakt hij er voorzichtig crêpepapier op. Ondanks zijn zwijgzaamheid begrijpt Andrea de pijn die hij moet hebben omdat hij zijn thuis moest verlaten. Ze hoopt op een betere toekomst voor beide landen. Er moet volgens haar snel gepraat worden over een oplossing. "Dan kunnen we weer terug naar huis en zijn we weer samen met onze families."

Door: Wies Ubags

Plaats als eerste een reactie