We willen niet terug naar Afghanistan

banner

Hallo wereldseptember 2012

We willen niet terug naar Afghanistan

Drie jaar geleden belandden de zusjes Elhama (13) en Salima (10) op Schiphol. Ze waren samen met hun moeder en andere broertjes en zusjes gevlucht uit Afghanistan. Nu wonen ze in een asielzoekerscentrum, maar ze mogen niet in Nederland blijven. Elk moment kunnen ze teruggestuurd worden.

De ogen van één van de gevluchte meisjes

Hoe kwamen jullie hier aan?

Elhama: “We waren heel moe en bang. Niemand wist waar we terecht waren gekomen. Aan het begin van onze reis was er een man die wist waar we heen moesten, maar die was ineens verdwenen.”
Salima: “Ik vond het heel eng om te vliegen. Hoe kan zo’n groot ding nou in de lucht blijven zweven? Ik wist bijna zeker dat we zouden neerstorten.”
Elhama: “We hadden al een week dezelfde kleren aan: een broek onder een lange jurk en een hoofddoek. Dat moet in Afghanistan. Toen ik in Nederland kwam, wist ik niet wat een maillot, een legging of een panty was. Nu draag ik die het liefst.”

Wat deed je als eerste op het vliegveld?

Elhama: “Mijn moeder spreekt een paar woordjes Engels. Zij zei steeds dat we naar de politie moesten gaan, maar dat vond ik helemaal niet zo’n goed idee. In Afghanistan ga je niet voor hulp naar de politie. Daar moet je juist bij uit de buurt blijven. We bleven maar rondjes lopen omdat we niet wisten waar we heen konden. Ik was echt bang dat ze zouden zeggen dat we terug moesten naar ons land

We hadden nog nooit een koekje gegeten!

Voor hun veiligheid zijn de zusjes onherkenbaar gefotografeerd.Op de foto;s hebben ze hun haren voor het hoofd.
Voor hun veiligheid zijn de zusjes niet te herkenbaar gefotografeerd.

Nederland_18_elhama

En toen?

Elhama: “In een wachtkamer kregen we thee en een biscuitje. We hadden nog nooit een koekje gegeten! In Afghanistan aten we alleen platte broden en rijst en heel soms vlees of groenten. Toen moest m’n jongste broertje plassen. Ze namen ons mee de wc’s.”
Salima: “Maar we wisten helemaal niet hoe die werkten. En een kraan waar water uitkomt: dat had ik ook nog nooit gezien.”
Elhama: “We zagen allemaal dingen voor het eerst. Winkels met deuren bijvoorbeeld. In Afghanistan hangen meestal stukken stof en er zit geen glas in de ramen. En dat er geen zand op de grond lag, was ook nieuw. In Afghanistan is overal zand en je ziet vooral de kleur bruin. Hier zagen we veel meer verschillende kleuren. En al die lange mensen! In Afghanistan zijn mensen veel kleiner.” 

Hoe ziet jullie toekomst eruit?

Elhama: “Eigenlijk weten we dat niet. We horen verhalen over andere mensen in dit kamp die worden opgehaald en meegenomen naar Schiphol. Dan moeten ze terug met het vliegtuig.”
Salima: “Maar we willen helemaal niet terug naar Afghanistan! Hier is veel meer vrijheid voor meisjes.”
Elhama: “In Afghanistan moet je trouwen als je dertien bent. Daarom wil ik ook niet terug.”

Op de vlucht

Afghanistan is geen veilig land. Dat komt door oorlog en onderdrukking door de Taliban, streng gelovige moslims die de macht willen. Ruim 3 miljoen Afghanen zijn daarom gevlucht naar een ander land. In Nederland wonen ongeveer 40.000 Afghanen. De meeste mensen die naar Nederland vluchten komen uit Afghanistan, Irak, Iran en Somalië. Veel vluchtelingen komen via Schiphol.

Ik wist bijna zeker dat we zouden neerstorten.

Voor hun veiligheid zijn de zusjes uit Afghanistan onherkenbaar gefotografeerd. Op de foto;s hebben ze hun haren voor het hoofd.